
Bronteksten
[geen voorgaande versie in het Nederlands
beschikbaar]:
Bhakti
Yoga
Tekst
1:
S'rî
Uddhava zei: 'Dit yogaproces is, zo denk ik, allermoeilijkst in
de praktijk te brengen voor iemand die niet spiritueel is;
alsJeblieft o Acyuta, zeg me in eenvoudige bewoordingen hoe een
persoon daarin volmaakt kan zijn [zie ook B.G.
6:
33-34].
S'rî
Uddhava said - My dear Lord Acyuta, I fear that the method
of yoga described by You is very difficult for one who
cannot control his mind. Therefore please explain to me in
simple terms how someone can more easily execute it.
Tekst
2
Over het
algemeen, o Lotus-ogige, raken yogî's gefrustreerd met
het oefenen van de geest en worden ze, er niet toe in staat de
verzonkenheid te bereiken, het moe te proberen de geest te
onderwerpen.
O
lotus-eyed Lord, generally those yogîs who try to
steady the mind experience frustration because of their
inability to perfect the state of trance. Thus they weary in
their attempt to bring the mind under control.
Tekst
3
Daarom,
o Lotus-ogige, zijn de zwaangelijken er dan inderdaad gelukkig
mee zich te beroepen op de bron van alle vervoering, de
toevlucht van Jouw lotusvoeten, o Heer van het Universum; maar
zij die prat gaan op de resultaten van hun yoga, doen dat niet,
daar dezen verslagen zijn door Jouw materiële
energie.
Therefore,
O lotus-eyed Lord of the universe, swanlike men happily take
shelter of Your lotus feet, the source of all transcendental
ecstasy. But those who take pride in their accomplishments
in yoga and karma fail to take shelter of You and are
defeated by Your illusory energy.
Tekst
4
Het wekt geen
verwondering Acyuta, dat Jij een vriend bent voor alle dienaren
die met geen andere toevlucht vereend zijn in de
vertrouwlijkheid met Jou, Jij die vol genegenheid was voor de
dier-gelijken [vânara's]
terwijl de zijkanten van je voetenbankje werden overdekt door
de stralende helmen van de grote beheersers [Brahmâ
b.v.].
My
dear infallible Lord, it is not very astonishing that You
intimately approach Your servants who have taken exclusive
shelter of You. After all, during Your appearance as Lord
Râmacandra, even while great demigods like
Brahmâ were vying to place the effulgent tips of their
helmets upon the cushion where Your lotus feet rested, You
displayed special affection for monkeys such as
Hanumân because they had taken exclusive shelter of
You.
Tekst
5
Bekend met het
voordeel dat Jij biedt, de Allerhoogste Ziel, de Verlener van
Alle Volmaaktheden en de Heer het meest geliefd bij hen die hun
toevlucht zoeken, wie zou er Jou dan afwijzen of ooit iets
anders toegewijd zijn enkel maar om een goed gevoel te hebben
en bijgevolg van het vergeten te zijn; wat staat ons feitelijk
niet ter beschikking met het dienen van het stof van Jouw
voeten? [zie ook 10.44:
15,
10.47:
46]
Who,
then, could dare reject You, the very Soul, the most dear
object of worship, and the Supreme Lord of all - You who
give all possible perfections to the devotees who take
shelter of You? Who could be so ungrateful, knowing the
benefits You bestow? Who would reject You and accept
something for the sake of material enjoyment, which simply
leads to forgetfulness of You? And what lack is there for us
who are engaged in the service of the dust of Your lotus
feet?
Tekst
6
Zelfs niet met
een levensduur gerekt tot die van Brahmâ zouden de
geschoolden, al hun werk ten spijt, er toe in staat zijn
uitdrukking te geven aan de dankbaarheid o Heer, daar Jij Je
weg toont in de vormen van het mentaal begrepene [gezag van
de Superziel] van binnen ten einde zich de vreugde te
heugen en de âcârya
van buiten om het onfortuinlijke te verdrijven van het
belichaamd zijn [de caittya-
en de paramparâ-guru].'
O
my Lord! Transcendental poets and experts in spiritual
science could not fully express their indebtedness to You,
even if they were endowed with the prolonged lifetime of
Brahmâ, for You appear in two features - externally as
the âcârya and internally as the Supersoul - to
deliver the embodied living being by directing him how to
come to You.
Tekst
7
S'rî
S'uka zei: 'Hij die het universum als Zijn speeltje heeft en
middels Zijn eigen energieën de drie verschillende
persoonlijke gedaanten van de Beheersers [de
guna-avatâra's]
heeft aangenomen, aldus door Uddhava in het hart zeer gehecht
ertoe verzocht, sprak liefdevol met een aantrekkelijke
glimlach.
S'ukadeva
Gosvâmî said - Thus questioned by the most
affectionate Uddhava, Lord Krishna, the supreme controller
of all controllers, who takes the entire universe as His
plaything and assumes the three forms of Brahmâ,
Vishnu and S'iva, began to reply, lovingly displaying His
all-attractive smile.
Tekst
8
De Allerhoogste
Heer zei: 'Hier dan, zal Ik me uitlaten over het dharma dat in
relatie tot Mij het meest zegenrijk is en waarmee een
sterfelijk wezen, met geloof te werk gaand, de zo
onoverwinnelijke dood overwint.
The
Supreme Personality of Godhead said - Yes, I shall describe
to you the principles of devotion to Me, by executing which
a mortal human being will conquer unconquerable
death.
Tekst
9
Met het aan Mij
geofferd hebben van de geest en intelligentie, behoort men voor
de bedoeling die Ik ben stapsgewijze [het te leren]
alle arbeid te verrichten, met daarbij, bij de genade van de
eigen liefdevolle geest, Mijn plichtsbetrachting in gedachten
gehouden.
Always
remembering Me, one should perform all his duties for Me
without becoming impetuous. With mind and intelligence
offered to Me, one should fix his mind in attraction to My
devotional service.
Tekst
10
Men moet zijn
toevlucht zoeken in de heilige plaatsen bezocht door Mijn vrome
toegewijden en [het voorbeeld volgen van] de
handelingen van Mijn toegewijden onder de goddelijken, onder
hen die van de duivel zijn bezeten en onder de menselijke
wezens.
One
should take shelter of holy places where My saintly devotees
reside, and one should be guided by the exemplary activities
of My devotees, who appear among the demigods, demons and
human beings.
Tekst
11
Alleen dan wel
in samenkomst behoort men naar de maan, bij speciale
gelegenheden en met feestdagen het zo te regelen dat men te
werk gaat met zang, dans en zeer royale bewijzen van
genade.
One
should take shelter of holy places where My saintly devotees
reside, and one should be guided by the exemplary activities
of My devotees, who appear among the demigods, demons and
human beings.
Tekst
12
Mij inderdaad
moet men met een zuiver hart bezien als de zelfbewogen
Superziel die zich net als de ether binnen en buiten alle
levende wezens bevindt als ook in jezelf [zie ook B.G.
13:
16 en
1.7:
10].
With
a pure heart one should see Me, the Supreme Soul within all
beings and also within oneself, to be both unblemished by
anything material and also present everywhere, both
externally and internally, just like the omnipresent
sky.
Tekst
13-14
O groot licht,
met deze weg naar Mijn respect van liefde voor alle levende
wezens, zal men aldus van overweging zijnde zijn toevlucht aan
het nemen zijn tot zuiver spirituele kennis. Als men op deze
manier in de brahmaan en de uitgestotene, de dief en de mens
trouw aan de brahmaanse cultuur, in de zon en in de vonk, in de
zachtgeaarde en in de wreedaard een gelijke blik heeft, wordt
men geschoold geacht [een pandit,
zie B.G. 5:
18].
O
brilliant Uddhava, one who thus views all living entities
with the idea that I am present within each of them, and who
by taking shelter of this divine knowledge offers due
respect to everyone, is considered actually wise. Such a man
sees equally the brâhmana and the outcaste, the thief
and the charitable promoter of brahminical culture, the sun
and the tiny sparks of fire, the gentle and the
cruel.
Tekst
15
Van de persoon
die voortdurend op Mijn aanwezigheid in alle mensen aan het
mediteren is, zal voorzeker snel de rivaliteit, de afgunst, het
neerkijken op en het valse ego verdwijnen.
For
him who constantly meditates upon My presence within all
persons, the bad tendencies of rivalry, envy and
abusiveness, along with false ego, are very quickly
destroyed.
Tekst
16
Onverschillig
erover uitgelachen te worden door vrienden of zich te schamen
over uiterlijkheden, moet men als een stok op de grond zijn
eerbetuigingen brengen aan [allen,] zelfs de honden,
uitgestotenen, koeien en ezels [zie ook de
s'ikshâshthaka-3].
Disregarding
the ridicule of one's companions, one should give up the
bodily conception and its accompanying embarrassment. One
should offer obeisances before all - even the dogs,
outcasts, cows and asses - falling flat upon the ground like
a rod.
Tekst
17
Zolang men niet
de visie heeft ontwikkeld van Mij als zijnde aanwezig in alle
levende wezens, zal men voor die tijd op deze wijze in
uitlatingen, de geest en met het lichaam van aanbidding moeten
zijn [zie ook tridanda].
Until
one has fully developed the ability to see Me within all
living beings, one must continue to worship Me by this
process with the activities of his speech, mind and
body.
Tekst
18
Voor hem die
door kennis en realisatie de alomtegenwoordige Superziel ziet,
is alles gebaseerd op de Absolute Waarheid en is er, bevrijd
van twijfel, de plicht om aan alle wereldse activiteiten een
einde te maken.
By
such transcendental knowledge of the all-pervading
Personality of Godhead, one is able to see the Absolute
Truth everywhere. Freed thus from all doubts, one gives up
fruitive activities.
Tekst
19
Dit met de
functies van je geest, je woorden en je lichaam gaan voor de
waarheid van Mij in alle levende wezens wordt inderdaad door
Mij beschouwd als zijnde de meest geëigende van alle
processen.
Indeed,
I consider this process - using one's mind, words and bodily
functions for realizing Me within all living beings - to be
the best possible method of spiritual enlightenment.
Tekst
20
Mijn beste,
omdat het, door Mij op volmaakte wijze gevestigd, vrij is van
de geaardheden en van nevenmotieven is er, Uddhava, in het
pogen van Mijn plichtbetrachting te zijn dienovereenkomstig
niet het geringste verlies [zie ook B.G.
2:
40].
My
dear Uddhava, because I have personally established it, this
process of devotional service unto Me is transcendental and
free from any material motivation. Certainly a devotee never
suffers even the slightest loss by adopting this
process.
Tekst
21
O beste onder
de gelovigen, welke vorm van angst of soortgelijk enzovoorts
van ondernemen er ook moge zijn, heeft niets om het lijf als
dat [ondernemen], welk neigt tot vruchteloosheid,
religiositeit is richting Mij, de Allerhoogste [zie ook
B.G. 18:
6].
O
Uddhava, greatest of saints, in a dangerous situation an
ordinary person cries, becomes fearful and laments, although
such useless emotions do not change the situation. But
activities offered to Me without personal motivation, even
if they are externally useless, amount to the actual process
of religion.
Tekst
22
Dit waarmee men
middels het valse en sterfelijke in dit leven het ware verwerft
van Mij, het onsterfelijke, is de schranderheid der schranderen
en de intelligentie der intelligenten.
This
process is the supreme intelligence of the intelligent and
the cleverness of the most clever, for by following it one
can in this very life make use of the temporary and unreal
to achieve Me, the eternal reality.
Tekst
23
Hiermee is
zowel in het kort als tot in detail het volledige overzicht
geboden van de Absolute Waarheid die zelfs voor de goden
moeilijk te overzien is.
Thus
have I related to you - both in brief and in detail - a
complete survey of the science of the Absolute Truth. Even
for the demigods, this science is very difficult to
comprehend.
Tekst
24
Met het naar
behoren hebben doorgrond van deze kennis, bij herhaling met
logische argumenten voor je uiteengezet, zal een persoon, met
zijn twijfels teniet gedaan, bevrijd zijn.
I
have repeatedly spoken this knowledge to you with clear
reasoning. Anyone who properly understands it will become
free from all doubts and attain liberation.
Tekst
25
Hij die zich
enkel maar concentreert op deze vraag van jou naar behoren
opgehelderd door Mij, reikt tot het eeuwige geheim van de
Veda's, het Allerhoogste Absolute van de
Waarheid.
Anyone
who fixes his attention on these clear answers to your
questions will attain to the eternal, confidential goal of
the Vedas - the Supreme Absolute Truth.
Tekst
26
Degene die als
de verlener van het Allerhoogste Spirituele vrijmoedig dit
verkondigt onder Mijn toegewijden zal Ik Mijzelf middels
Mijzelf vergunnen.
One
who liberally disseminates this knowledge among My devotees
is the bestower of the Absolute Truth, and to him I give My
very own self.
Tekst
27
Hij die hardop
dit Allerhoogste reciteert dat zo heiligend en helder is, zal,
met de lamp der kennis Mijn aanwezigheid gestalte gevend, dag
na dag gezuiverd zijn.
He
who loudly recites this supreme knowledge, which is the most
lucid and purifying, becomes purified day by day, for he
reveals Me to others with the lamp of transcendental
knowledge.
Tekst
28
De persoon die
zonder afgeleid te zijn, met geloof regelmatig hiernaar
luistert zal, met het doen van bovenzinnelijke toegewijde
dienst [bhakti], niet gebonden zijn aan karmische
terugslagen [zie ook B.G. 3:
9].
Anyone
who regularly listens to this knowledge with faith and
attention, all the while engaging in My pure devotional
service, will never become bound by the reactions of
material work.
Tekst
29
Uddhava, o
vriend, heb je afdoende het spirituele begrepen en heeft dit
weeklagen en deze illusie die uit je geest voortkwam nu het
veld geruimd [zie 11.6:
42-49 en ook
B.G. 18:
72]?
My
dear friend Uddhava, have you now completely understood this
transcendental knowledge? Are the confusion and lamentation
that arose in your mind now dispelled?
Tekst
30
Deel
dit niet met een schijnheilig iemand, een atheïst of een
bedrieger, noch met iemand die niet met geloof luistert of met
een obstinate niet-toegewijde [vergelijk met
B.G.
18:
67].
You
should not share this instruction with anyone who is
hypocritical, atheistic or dishonest, or with anyone who
will not listen faithfully, who is not a devotee, or who is
simply not humble.
Tekst
31
Deel dit met de
persoon vrij van deze slechte eigenschappen, hij die geheiligd
en zuiver is, vriendelijk toegenegen is en het welzijn van de
brahmanen voor ogen heeft, zowel als met arbeiders en vrouwen
vermits ze van de bhakti zijn [vergelijk B.G.
9:
32].
This
knowledge should be taught to one who is free from these bad
qualities, who is dedicated to the welfare of the
brâhmanas, and who is kindly disposed, saintly and
pure. And if common workers and women are found to have
devotion for the Supreme Lord, they are also to be accepted
as qualified hearers.
Tekst
32
Voor de
onderzoekende geest die volledig van begrip is hiervoor, is er
verder niets meer om in te drinken; met het hebben gedronken
van de smakelijke ambrozijnen drank is er verder niets meer te
drinken over.
When
an inquisitive person comes to understand this knowledge, he
has nothing further to know. After all, one who has drunk
the most palatable nectar cannot remain thirsty.
Tekst
33
Wat mensen van
succes naar de vier doelen [catuh-vidah]
ook vinden in geestelijke kennis, in baatzuchtige arbeid, in
mystieke yoga, in alledaagse bezigheden of in politiek
besturen, ben Ik in gelijke mate voor jou.
Through
analytic knowledge, ritualistic work, mystic yoga, mundane
business and political rule, people seek to advance in
religiosity, economic development, sense gratification and
liberation. But because you are My devotee, whatever men can
accomplish in these multifarious ways you will very easily
find within Me.
Tekst
34
Als een
sterveling zich opofferend, al zijn baatzuchtige arbeid eraan
gegeven heeft in het verlangen naar het bijzondere van Mij,
komt hij in het proces van het bereiken van de
onsterfelijkheid, met Mij te dien tijde waarlijk ook in
aanmerking voor een weelde die gelijk is. '
A
person who gives up all fruitive activities and offers
himself entirely unto Me, eagerly desiring to render service
unto Me, achieves liberation from birth and death and is
promoted to the status of sharing My own opulences.
Tekst
35
S'uka zei:
'Hij, die aldus het pad van de yoga was getoond, zei toen met
het met gevouwen handen aangehoord hebben van de woorden van
Uttamas'loka
niets, daar zijn keel dichtgesnoerd was van de liefde en zijn
ogen overstroomden van de tranen.
S'ukadeva
Gosvâmî said - Hearing these words spoken by
Lord Krishna, and having thus been shown the entire path of
yoga, Uddhava folded his hands to offer obeisances. But his
throat choked up with love and his eyes overflowed with
tears; so he could say nothing.
Tekst
36
Volledig door
de liefde van de kaart zichzelf intomend om zijn geest in
evenwicht te krijgen, o Koning, sprak hij, zich dankbaar
voelend, met gevouwen handen voor de Grootste Held van de
Yadu's, waarbij hij met zijn hoofd Zijn lotusvoeten
aanraakte.
Steadying
his mind, which had become overwhelmed with love, Uddhava
felt extremely grateful to Lord Krishna, the greatest hero
of the Yadu dynasty. My dear King Parîkshit, Uddhava
bowed down to touch the Lord's lotus feet with his head and
then spoke with folded hands.
Tekst
37
S'rî
Uddhava zei: 'De grote duisternis van mijn begoocheling waaraan
ik mij overgaf in de aanwezigheid van de Zon die Jij bent, is
verdreven; welke kou, duisternis en vrees zou zich kunnen doen
gelden over degene die het tot de nabijheid bracht, o
Ongeborene Allereerste?
S'rî
Uddhava said - O unborn, primeval Lord, although I had
fallen into the great darkness of illusion, my ignorance has
now been dispelled by Your merciful association. Indeed, how
can cold, darkness and fear exert their power over one who
has approached the brilliant sun?
Tekst
38
In wederkeer
werd door Jouw goede Zelf zo genadig mij, je dienaar, de fakkel
geboden bestaande uit Jouw wijsheid; welke dankbare dan ook zou
de basis van Jouw voeten kunnen verlaten en af kunnen gaan op
een andere toevlucht?
In
return for my insignificant surrender, You have mercifully
bestowed upon me, Your servant, the torchlight of
transcendental knowledge. Therefore, what devotee of Yours
who has any gratitude could ever give up Your lotus feet and
take shelter of another master?
Tekst
39
Het
door Jouw mâyâ, terwille van de toename van Je
Schepping [Je familie], door Jou geknoopte, stevig
bindende touw van mijn genegenheid voor de
Dâs'ârha's, Vrishni's, Andhaka's en
Sâtvata's, is doorsneden met het zwaard van de juiste
kennis omtrent de ziel.
The
firmly binding rope of my affection for the families of the
Dâs'ârhas, Vrishnis, Andhakas and Sâtvatas
- a rope You originally cast over me by Your illusory energy
for the purpose of developing Your creation - is now cut off
by the weapon of transcendental knowledge of the
self.
Tekst
40
Mogen er mijn
eerbetuigingen voor Jou zijn, o Grootste der Mystici,
alsJeblieft geef instructie over hoe constant te blijven met de
transcendentale aantrekking van Jouw
lotusvoeten.'
Obeisances
unto You, O greatest of yogîs. Please instruct me, who
am surrendered unto You, how I may have undeviating
attachment to Your lotus feet.
Tekst
41-44
De Allerhoogste
Heer zei: 'Alsjeblieft, o Uddhava, ga op Mijn voorspraak naar
Mijn hermitage genaamd Badârika;
wees er, op de oevers, gezuiverd door het beroeren van en baden
in het water wegstromend van Mijn voeten [zie
5.17].
Met het met jouw ogen gericht op de Alakanandâ [een
zijrivier van de Ganges] weggezuiverd zijn van alle
onzuiverheid, en boombast dragend mijn beste, leef van wat het
bos je biedt en zij gelukkig vrij van begeerte. Met
intelligentie, spirituele kennis en wijsheid toegerust, wees
verdraagzaam met alle dualiteiten, van een heilig karakter, van
zinsbeheersing, van vrede en verzonkenheid. Wees consequent met
dat wat je in onderscheidingsvermogen van Mij geleerd hebt; met
je woorden en je geest in Mij verzonken ertoe gewijd tot het
besef van Mijn dharma te komen zal je, aldus gevestigd
overstekend tot voorbij de drie bestemmingen [de
guna's], daarna tot Mij komen.'
The
Supreme Personality of Godhead said - My dear Uddhava, take
My order and go to My âs'rama called Badarikâ.
Purify yourself by both touching and also bathing in the
holy waters there, which have emanated from My lotus feet.
Rid yourself of all sinful reactions with the sight of the
sacred Alakanandâ River. Dress yourself in bark and
eat whatever is naturally available in the forest. Thus you
should remain content and free from desire, tolerant of all
dualities, good-natured, self-controlled, peaceful and
endowed with transcendental knowledge and realization. With
fixed attention, meditate constantly upon these instructions
I have imparted to you and assimilate their essence. Fix
your words and thoughts upon Me, and always endeavor to
increase your realization of My transcendental qualities. In
this way you will cross beyond the destinations of the three
modes of nature and finally come back to Me.
Tekst
45
S'rî
S'uka zei: 'Aldus toegesproken door de Heer der Heugenis,
omliep Uddhava Hem, Hem rechts houdend, en doordrenkte hij, met
een hart dat het begaf, met zijn hoofd naar beneden geplaatst,
Zijn voeten met zijn tranen, ondanks het feit dat hij ten tijde
van het vertrek niet betrokken was bij de materiële
dualiteit.
S'ukadeva
Gosvâmî said - Thus addressed by Lord Krishna,
whose intelligence destroys all the suffering of material
life, S'rî Uddhava circumambulated the Lord and then
fell down, placing his head upon the Lord's feet. Although
Uddhava was free from the influence of all material
dualities, his heart was breaking, and at this time of
departure he drenched the Lord's lotus feet with his
tears.
Tekst
46
Met de
gehechtheid die allermoeilijkst te verzaken was, was hij, niet
in staat Hem te verlaten bij de scheiding, overweldigd in grote
pijn buiten zichzelf, en ging hij, keer op keer zijn
eerbetuigingen brengend, heen met het meedragen van de slippers
van Zijn Handhaver op zijn hoofd [*].
Greatly
fearing separation from Him for whom he felt such
indestructible affection, Uddhava was distraught, and he
could not give up the Lord's company. Finally, feeling great
pain, he bowed down to the Lord again and again, placed the
slippers of his master upon his head, and departed.
Tekst
47
Daarna Hem in
zijn hart installerend, ging de grote toegewijde, zoals hem dat
gezegd was door de Enige Vriend van het Universum, naar het
luisterrijke pelgrimsoord [dat als zodanig ookwel
Vis'âlâ wordt genoemd] en bereikte hij, met het
naar behoren uitvoeren van de boetedoeningen, de Heer Zijn
bestemming [Vaikunthha].
Thereupon,
placing the Lord deeply within his heart, the great devotee
Uddhava went to Badarikâs'rama. By engaging there in
austerities, he attained to the Lord's personal abode, which
had been described to him by the only friend of the
universe, Lord Krishna Himself.
Tekst
48
Wie dan ook ter
wereld die waarachtig in het geloof dienst levert aan deze
oceaan van vervoering, deze nectar van de kennis die,
bijeengebracht door Krishna, door Hem wiens voeten worden
gediend door de meesters van de yoga, uitgesproken werd voor
Zijn toegewijde, zal bevrijd raken.
Thus
Lord Krishna, whose lotus feet are served by all great yoga
masters, spoke to His devotee this nectarean knowledge,
which comprises the entire ocean of spiritual bliss. Anyone
within this universe who receives this narration with great
faith is assured of liberation.
Tekst
49
Ik verbuig me
voor de Grootste en Eerste Persoonlijkheid genaamd Krishna, die
zorgt dat Zijn vele toegewijden de nectar krijgen te drinken
van de oceaan, de essentie van de Veda's, de essentie van de
spirituele kennis en wijsheid die Hij, als de auteur van de
Veda's, gelijk een bij levert ten einde de angst weg te nemen
van een materieel bestaan.
I
offer my obeisances to that Supreme Personality of Godhead,
the original and greatest of all beings, Lord S'rî
Krishna. He is the author of the Vedas, and just to destroy
His devotees' fear of material existence, like a bee He has
collected this nectarean essence of all knowledge and
self-realization. Thus He has awarded to His many devotees
this nectar from the ocean of bliss, and by His mercy they
have drunk it.
*: De paramparâ voegt hier toe: 'Volgens het
S'rîmad-Bhâgavatam [3.4:
5],
vernam Uddhava toen hij onderweg was naar Badarikâs'rama
over de Heer Zijn reis naar Prabhâsa. Terugkerend en Heer
Krishna achterna komend, trof hij de Heer alleen, vlak na het
zich terugtrekken van de Yadu dynastie. Na opnieuw genadevol
geïnstrueerd te zijn door de Persoonlijkheid van God
(tezamen met Maitreya, die juist was aangekomen), voelde
Uddhava dat zijn kennis van de waarheid nieuw leven was
ingeblazen, en begaf hij zich toen, op last van de Heer, op
weg.'
