Tweede editie,
geladen 8 november 2009

Voorgaande
Aadhar-editie en
Vedabase links:
Tekst
1
S'rî
Sûta zei: "Hij die op deze manier de macht ervoer van de
yoga-mâyâ zoals beschikt door
Nârâyana, ging enkel nog voor de toevlucht die Hij
was.
S'rî
Sûta zei: "Hij die op deze manier de macht ervoer van
de yoga-mâyâ zoals beschikt door
Nârâyana, ging enkel nog voor de toevlucht die
Hij was. (Vedabase)
Tekst
2
S'rî
Mârkandeya zei [hierover]: 'Ik heb me overgegeven
aan de voetzolen van U die de overgegeven zielen de
onbevreesdheid brengt, o Heer die met Uw begoochelende macht in
de vorm van de kennis zelfs de wijzen verbijstert'."
S'rî
Mârkandeya zei [hiertoe]: 'Ik heb me
overgegeven aan de zolen van de voeten van U die de
overgegeven zielen de onbevreesdheid brengt, o Heer van wie
de begoochelende macht, zich voordoend als de kennis, zelfs
de wijzen verbijstert'." (Vedabase)
Tekst
3
Sûta zei:
"De grote heer [S'iva] vergezeld door
Rudrânî [Umâ] en omringd door zijn
gevolg, zag, reizend door de hemel op zijn stier, hem aldus in
trance verzonken.
Sûta
zei: "De grote heer [S'iva] vergezeld door
Rudrânî [Umâ] en omringd door zijn
gevolg, zag, reizend door de hemel op zijn stier, hem aldus
in trance verzonken. (Vedabase)
Tekst
4-5
Umâ die
ziener gadeslaand zei toen tot Giris'a:
'Bezie deze man van scholing, die roerloos met zijn lichaam,
zinnen en geest zo rustig is als het water en de vissen van de
oceaan als de wind eenmaal is gaan liggen. Alsjeblieft, o jij
die de verlener van de volmaaktheid der boete bent, zorg dat
het voor hem bewaarheid wordt.'
Umâ
die ziener gadeslaand zei toen tot Giris'a: 'Bezie deze man
van scholing, die roerloos met zijn lichaam, zinnen en geest
zo rustig is als het water en de vissen van de oceaan als de
wind eenmaal is gaan liggen. Alsjeblieft, o jij die de
verlener van de volmaaktheid der boete bent, zorg dat het
voor hem bewaarheid wordt.' (Vedabase)
Tekst
6
De grote heer
zei: 'Ik ben er zeker van dat de brahmaanse ziener op geen
enkel terrein welke zegening dan ook verlangt, zelfs niet de
bevrijding; hij heeft de bovenzinnelijke toegewijde dienst
bereikt voor de Allerhoogste Heer, de Onuitputtelijke
Oorspronkelijke Persoon.
De
grote heer zei: 'Ik ben er zeker van dat de brahmaanse
ziener op geen enkel terrein welke zegening dan ook
verlangt, zelfs niet de bevrijding; hij heeft de
bovenzinnelijke toegewijde dienst bereikt voor de
Allerhoogste Heer, de Onuitputtelijke Oorspronkelijke
Persoon. (Vedabase)
Tekst
7
Laten we
niettemin, Bhavânî, een gesprek met deze zuivere
toegewijde aangaan; waarlijk is omgang te hebben met de
heiligen het hoogste wat de mens kan bereiken'."
Laten
we niettemin, Bhavanî, een gesprek met deze zuivere
toegewijde aangaan; waarlijk is omgang te hebben met de
heiligen het hoogste wat de mens kan bereiken'."
(Vedabase)
Tekst
8
Sûta zei:
"Na zich aldus uitgelaten te hebben ging hij, de meester van
alle kennis, de beheerser van al de belichaamden en de grote
heer en toevlucht van de rechtgeaarden, naar hem
toe.
Sûta
zei: "Na zich aldus uitgelaten te hebben ging hij, de
meester van alle kennis, de beheerser van al de belichaamden
en de grote heer en toevlucht van de rechtgeaarden, naar hem
toe. (Vedabase)
Tekst
9
Hij, met het
hebben stilgelegd van de functies van zijn denken, had geen
weet van zichzelf of van de wereld om hem heen, noch van de
aankomst van de twee over het universum heersende machten in
eigen persoon.
Hij,
met het hebben stilgelegd van de functies van zijn denken,
had geen weet, noch van hemzelf of de wereld om hem heen,
noch van de aankomst van de twee over het universum
heersende machten in persoon. (Vedabase)
Tekst
10
Dat begrijpend
drong Giris'a de Beheerser, de grote heer, middels zijn mystiek
vermogen binnen in de etherische beslotenheid van
Mârkandeya's hart, net zoals de wind door een opening
waait.
Dat
begrijpend, drong Giris'a de Beheerser, de grote heer,
middels zijn mystiek vermogen de etherische verborgenheid
van hem binnen, net zoals de wind door een opening waait.
(Vedabase)
Tekst
11 - 13
In hemzelf
arriveerde toen S'iva met lokken helder als de bliksem, in het
bezit van drie ogen en tien armen, oprijzend zo hoog als de
zon. Samen met een tijgervel als kledingstuk, toonde hij zijn
boog en drietand, pijlen en zwaard, schild, gebedskralen,
damaru (een klein trommeltje), een bijl en een schedel. Toen
hij hem waarnam zich zo plotseling manifesterend in zijn hart,
zag de wijze daarop af van zijn vervoering en vroeg zich
verwonderd af: 'Wie is dit en waar komt hij vandaan?'
In
hemzelf arriveerde toen S'iva met lokken helder als de
bliksem, in het bezit van drie ogen en tien armen, oprijzend
zo hoog als de zon. Samen met een tijgervel als kledingstuk,
toonde hij zijn boog en drietand, pijlen en zwaard, schild,
gebedskralen, damaru (een klein trommeltje), een bijl en een
schedel. Toen hij hem waarnam zich zo plotseling
manifesterend in zijn hart, zag de wijze daarop af van zijn
vervoering, zich verrast afvragend: 'Wie is dit en waar komt
hij vandaan?' (Vedabase)
Tekst
14
Zijn ogen
openend en ziend dat Heer Rudra was gearriveerd met Umâ
en zijn metgezellen, bood de wijze met zijn hoofd de ene goeroe
van de drie werelden zijn eerbetuigingen.
Zijn
ogen openend en ziend dat heer Rudra was gearriveerd met
Umâ en zijn metgezellen, bood de wijze met zijn hoofd
de ene goeroe van de drie werelden zijn eerbetuigingen.
(Vedabase)
Tekst
15
Hij vereerde
hem samen met zijn gezelschap en Umâ met woorden ter
verwelkoming, zitplaatsen, water voor de voeten, water om te
drinken, geparfumeerde olie, bloemenslingers, wierook en
lampen.
Hem
samen met zijn gezelschap en Umâ bewees hij de eer met
welkomstwoorden, zitplaatsen, water voor de voeten, water om
te drinken, geparfumeerde olie, bloemenslingers, wierook en
lampen. (Vedabase)
Tekst
16
Hij zei: 'O
machtige, wat kan ik voor u betekenen, o Heer, u geheel voldaan
in de ervaring van uw extase door wie de ganse wereld tot vrede
wordt bewogen?
Hij
zei: 'O machtige, wat kan ik voor u betekenen, o Heer, u
door wie, volledig bevredigd in uw eigen ervaring van de
extase, de ganse wereld waarlijk tot vrede wordt gebracht?
(Vedabase)
Tekst
17
Mijn respect
voor u die de geaardheid onwetendheid bent toegewijd, voor u
die verschrikkelijk bent in de keuze voor de geaardheid
hartstocht en voor u die het plezier vergunt ten gunste van de
geaardheid goedheid'."
Mijn
respect voor u die de geaardheid onwetendheid bent
toegewijd, voor u die verschrikkelijk bent in de keuze voor
de geaardheid hartstocht en voor u die het plezier vergunt
ten gunste van de geaardheid goedheid'."
(Vedabase)
Tekst
18
Sûta
Gosvâmî zei: "Met deze woorden geprezen richtte
hij, de machtige heer, de belangrijkste van de halfgoden en de
toevlucht voor de waarachtigen, volmaakt tevredengesteld met
een gelukkige geest glimlachend het woord tot
hem.
Sûta
Gosvâmî zei: "Met deze woorden geprezen richtte
hij, de machtige heer, de belangrijkste van de halfgoden en
de toevlucht voor de waarachtigen, volmaakt tevreden
gesteld, gelukkig van geest naar hem glimlachend het woord
tot hem. (Vedabase)
Tekst
19
De grote heer
zei: 'Alstublieft, doe een wens naar uw keuze bij ons, de drie
[guna-avatâra]
heren van beheersing door de aanblik van wie een sterfelijk
wezen de onsterfelijkheid bereikt.
De
grote heer zei: 'Alstublieft, doe naar uw keuze een wens bij
ons, de drie [guna-avatâra] heren van
beheersing door de aanblik van wie een sterfelijk wezen de
onsterfelijkheid bereikt. (Vedabase)
Tekst
20-21
De plaatselijke
heersers en bewoners van alle werelden, ik, de grote heer
Brahmâ en Hari, de Beheerser in eigen persoon,
verheerlijken, aanbidden en staan die brahmanen bij die vroom
zijn, vredig, vrij van gehechtheid, zorg dragen voor al de
levende wezens en, vrij van vijandigheid met een gelijkgezinde
blik, doelbewust onze toegewijden zijn.
De
plaatselijke heersers en bewoners van alle werelden, ik, de
grote heer Brahmâ en Hari, de Beheerser in eigen
persoon, verheerlijken, aanbidden en staan die brahmanen bij
die vroom zijn, vredig, vrij van gehechtheid, zorg dragen
voor al de levende wezens en, vrij van vijandigheid met een
gelijke blik, doelbewust onze toegewijden zijn.
(Vedabase)
Tekst
22
Zij [deze
toegewijden] maken zelfs niet het geringste onderscheid
tussen mij, de Onfeilbare en de ongeborene, noch tussen henzelf
en andere mensen en om die reden prijzen wij u.
Ze
maken zelfs niet het geringste onderscheid tussen mij, de
Onfeilbare en de ongeborene, noch tussen henzelf en andere
mensen en om die reden bewijzen wij u de eer.
(Vedabase)
Tekst
23
Watervlakten
zijn op zich nog geen heilige oorden en beeltenissen zijn op
zich levenloos; zij zuiveren de ziel pas na een lange tijd,
maar u doet dat door enkel gezien te worden [zie ook
10.48:
31].
Enkele
watervlakten zijn nog geen heilige oorden en beeltenissen
zijn op zich levenloos; zij zuiveren de ziel pas na een
lange tijd, maar u doet dat door enkel gezien te worden
[zie ook 10.48: 31]. (Vedabase)
Tekst
24
De brahmanen
die onze gedaanten zoals ze worden vertegenwoordigd door de
drie Veda's met zich dragen, en die door boetedoeningen, studie
en concentratie in de yoga, [samyama]
verzonken zijn in het Ware Zelf, betonen wij ons respect.
De
brahmanen die onze gedaanten vertegenwoordigd door de drie
Veda's met zich dragen, en die door boetedoeningen, studie
en concentratie in de yoga, [samyama] verzonken zijn
in het Ware Zelf, betonen wij ons respect.
(Vedabase)
Tekst
25
Zelfs de
grootste zondaars en uitgestotenen vinden zuivering als ze u
zien en over u vernemen, en wat zou dat dan wel niet inhouden
als men zich rechtstreeks tot u richt [zie ook
7.14:
17,
10.64:
41-42]?"
Zelfs
de grootste zondaars en uitgestotenen vinden zuivering als
ze u zien en over u vernemen, en wat dan te zeggen van het
rechtstreeks tot u spreken? [zie ook 7.14: 17, 10.64:
41-42]" (Vedabase)
Tekst
26
Sûta
Gosvâmî zei: "Aldus vervuld van de woorden van hem
gesierd met de maan die de essentie weerspiegelt van de
religie, was de wijze die via zijn oren dronk van dit
nectarreservoir niet voldaan.
Sûta
Gosvâmî zei: "Aldus vervuld van de woorden van
hem die, gesierd met de maan, de essentie weerspiegelde van
de religie, was de wijze, die met zijn oren het reservoir
van de nectar indronk, niet voldaan.
(Vedabase)
Tekst
27
Hij die vanwege
Vishnu's mâyâ zolang had moeten ronddolen en
enorm was uitgeput, zag hoe door S'iva's nectargelijke woorden
een berg van moeilijkheden was overwonnen en sprak tot hem.
Hij
die door Vishnu's mâyâ zolang rondgedoold
hebbend enorm was uitgeput, zag hoe door S'iva's
nectargelijke woorden een berg van moeilijkheden was
overwonnen en sprak tot hem. (Vedabase)
Tekst
28
S'rî
Mârkandeya zei: 'Ach, hoe ondoorgrondelijk is voor
belichaamde zielen met achting voor de heersers van het
universum dit spel en vermaak van de grote beheersers die
respect aan de dag leggen voor hen die door hen beheerst
worden!
S'rî
Mârkandeya zei: 'Ach, hoe ondoorgrondelijk is voor
belichaamde zielen met achting voor de heersers van het
universum dit spel en vermaak van de grote beheersers waarin
zij voor hen die door hen beheerst worden respect aan de dag
leggen! (Vedabase)
Tekst
29
Doorgaans
zetten de gezaghebbende sprekers zich in voor het aanvaarden
van de religie en geven voor dat doel uiting aan hun medeleven
en waardering voor het juiste gedrag van de geconditioneerde
zielen.
Over
het algemeen is het zo dat de gezaghebbende sprekers,
terwille van het aanvaarden van de religie, handelend
optreden in het bewijzen van hun medeleven en het loven van
de geconditioneerde zielen. (Vedabase)
Tekst
30
Net zoals de
truuks van een goochelaar niets afdoen aan zijn kunde, wordt
ook Zijn gezag geenszins ondergraven door deze handelingen in
de schepping van Zijn begoochelende energie.
Door
dergelijke handelingen bestaande uit Zijn materieel vermogen
raakt, net als met de truuks van een goochelaar, de macht
van de Fortuinlijke niet bedorven.
(Vedabase)
Tekst
31-32
Hij die als de
Superziel vanuit Zijn geest [middels Hemzelf in de vorm van
de Tijd] dit universum schept en er vervolgens in
binnengaat [als avatâra's] lijkt, bij de
macht van Zijn natuurlijke geaardheden, de doener te zijn als
was Hij iemand in een droom. Laat me mijn eerbetuigingen
brengen voor Hem, de Allerhoogste Persoonlijkheid die optredend
middels de drie guna's het ware Zelf is dat over hen
heerst. Hij is de zuivere ongeëvenaarde geestelijk leraar
die de oorspronkelijke gedaante van de Absolute Waarheid is
[zie B.G. 4:
13,
13:
30,
14:
19].
Zoals
de Superziel vanuit Zijn geest [middels Hemzelf in de
vorm van de Tijd] dit universum schept en er vervolgens
in binnengaat [als avatâra's] doet Hij, als
een persoon getuige van [zichzelf in] een droom, met
de geaardheden die van actie zijn zich voor als de doener;
Hem, de Allerhoogste Persoonlijkheid die [te werk
gaand] middels de drie guna's het ware Zelf in relatie
tot de geaardheden is, Hem de zuivere ongeëvenaarde
geestelijk leraar die de gedaante van het Absolute is, bied
ik mijn eerbetuigingen [zie B.G. 4: 13, 13: 30, 14:
19]. (Vedabase)
Tekst
33
Welke andere
zegening inderdaad zou ik van u moeten verlangen, o alles
doorvarende, wiens aanwezigheid zelve het hoogste is [dat
men kan bereiken]; met de aanblik van u kan een persoon
alles bereiken dat hij zich wenst, ongeacht wat.
Welke
andere zegening inderdaad zou ik van u moeten verlangen, o
alles doorvarende, wiens aanwezigheid zelve het hoogste is
[dat men kan bereiken]; met de aanblik van u kan een
persoon alles bereiken dat hij zich wenst, ongeacht wat hij
zich wenst. (Vedabase)
Tekst
34
Van Hem die
staat voor het Volkomene dat de vervulling brengt van alle
verlangens, vraag ik echter één zegening: de niet
aflatende toegewijde dienst voor zowel de Allerhoogste
Persoonlijkheid van God als voor hen die, net als u, Hem zijn
toegewijd'."
Van
Hem die staat voor het Volkomene dat de vervulling brengt
van alle verlangens, vraag ik echter één
zegening: de niet aflatende toegewijde dienst voor zowel de
Allerhoogste Persoonlijkheid van God als voor hen die, net
als u, Hem zijn toegewijd'." (Vedabase)
Tekst
35
Sûta
Gosvâmî zei: "Aldus aanbeden en verheerlijkt met de
goed geformuleerde woorden van de wijze, zei
S'arva
de grote heer, daartoe aangemoedigd door zijn wederhelft:
Sûta
Gosvâmî zei: "Aldus aanbeden en verheerlijkt met
de goed geformuleerde woorden van de wijze, sprak S'arva de
grote heer, daartoe aangemoedigd door zijn wederhelft:
(Vedabase)
Tekst
36
'O grote wijze
zo vol van devotie voor Adhokshaja,
moge wat door u is gewenst in vervulling gaan. En moge u ook
roem ten deel vallen tot het einde van de kalpa,
vroomheid en vrijheid van ouderdom en dood.
'O
grote wijze zo vol van devotie voor Adhokshaja, moge wat
door u is gewenst bewaarheid worden benevens roem tot het
einde van de kalpa, vroomheid en vrijheid van ouderdom en de
dood. (Vedabase)
Tekst
37
Moge u kennis
hebben van het drievoudige van de tijd
[tri-kâlika]
o brahmaan, alsmede wijsheid en verzaking. Moge er voor u die
het brahmaanse vermogen gegeven is de status zijn van leraar
van de Purâna'."
Laat
er met de kennis van het drievoudige van de tijd
[tri-kâlika] o brahmaan, en met de wijsheid
plus de verzaking, er voor hem die het brahmaanse vermogen
gegeven is, voor u, de status zijn van leraar van de
purâna'." (Vedabase)
Tekst
38
Sûta
Gosvâmî zei: "Nadat hij de wijze deze zegeningen
had toegekend ging hij, de beheerser met de drie ogen, weg
waarbij hij aan de godin uiteenzette wat hij
[Mârkandeya] in het verleden had gedaan en
ervaren.
Sûta
Gosvâmî zei: "Met het de wijze toekennen van
deze zegeningen ging hij, de beheerser met de drie ogen, weg
waarbij hij voor de godin van alles verslag deed wat hij
[Mârkandeya] voorheen had gedaan en had
ondervonden. (Vedabase)
Tekst
39
Hij, de beste
van Bhrigu,
die het grootste van het grote van de yoga had bereikt, reist
vandaag de dag nog rond naar believen, steeds onderweg in de
dienst van zijn exclusieve toewijding voor de
Heer.
Hij,
de beste van Bhrigu, die het grootste van het grote van de
yoga had bereikt, reist vandaag de dag nog rond naar
believen, op weg zijnd bij de genade van zijn exclusieve
toewijding voor de Heer. (Vedabase)
Tekst
40
Dit is wat ik u
kon beschrijven van het verbazingwekkende vermogen van de
begoochelende energie van de Hoogste Persoonlijkheid zoals
ervaren door de intelligente Mârkandeya.
Dit
is wat ik u kon beschrijven van het verbazingwekkende
vermogen van de begoochelende energie van de Opperpersoon
zoals ervaren door de intelligente Mârkandeya.
(Vedabase)
Tekst
41
Ongekend als
het is [dit zeven kalpa's durende leven van de
wijze], spreken sommigen die niet zo goed op de hoogte zijn
erover als [zijnde niets meer dan] het sedert
mensenheugenis rondgaan van de geconditioneerde levende wezens
door de verstandsverbijsterende schepping van de Allerhoogste
Persoon.
Ongekend
als het is [dit leven van zeven kalpa's lang van de
wijze], spreken sommigen die niet zo goed op de hoogte
zijn erover als [zijnde niets meer dan] het sedert
mensenheugenis rondgaan van de geconditioneerde levende
wezens door de verstandsverbijsterende schepping van de
Allerhoogste Persoon. (Vedabase)
Tekst
42
Voor de twee
soorten mensen, o beste van Bhrigu, die aldus ofwel luisteren
of dit [verhaal] beschrijven dat doortrokken is van het
vermogen van de Heer met het Wiel [van de Tijd] in Zijn
hand, zal er nooit de wereldse gang van zaken zijn die is
gebaseerd op karma."
Voor
die twee soorten mensen, o beste van Bhrigu, die aldus ofwel
luisteren of dit [verhaal] beschrijven dat
doortrokken is van het vermogen van de Heer met het Wiel
[van de Tijd] in Zijn hand, zal er niet de gang van
een werelds bestaan zijn gebaseerd op karma."
(Vedabase)
