S'rî
S'uka zei: 'De gopî's, die alzo de
allerbekoorlijkste woorden van de Allerhoogste Heer hoorden,
gaven, met hun bereidwillige harten tevreden door [het
aanraken van] Zijn ledematen, het op met het
[gekoesterde] leed van hun in de steek gelaten
zijn.
S'ukadeva
Gosvâmî said: When the cowherd girls heard the
Supreme Personality of Godhead speak these most charming
words, they forgot their distress caused by separation from
Him. Touching His transcendental limbs, they felt all their
desires fulfilled. (Vedabase)
Tekst
2
En daar ging
Govinda toen over tot een dans [een z.g. râsa,
of een spel] waarin de trouwe juwelen van vrouwen voldaan
zich arm in arm geslagen
samenvoegden.
There
on the Yamunâ's banks Lord Govinda then began the
pastime of the râsa dance in the company of
those jewels among women, the faithful gopîs,
who joyfully linked their arms together. (Vedabase)
Tekst
3-4:
Het feestelijke
vermaak nam zijn aanvang met de gopî's in een
kring die werd opgesierd door, in hun midden, Krishna, de
Beheerser van de Mystieke Eenheid, die de vrouwen, paarsgewijze
aanwezig naast Hem, bij hun nekken vasthield. Op dat ogenblik
dromden in de hemel honderden hemelse voertuigen samen van
hemelbewoners en hun vrouwen wiens geesten in staat van
vervoering verkeerden in de ijver van hun
respect.
The
festive râsa dance commenced, with the
gopîs arrayed in a circle. Lord Krishna
expanded Himself and entered between each pair of
gopîs, and as that master of mystic power
placed His arms around their necks, each girl thought He was
standing next to her alone. The demigods and their wives
were overwhelmed with eagerness to witness the râsa
dance, and they soon crowded the sky with their hundreds
of celestial airplanes. (Vedabase)
Tekst
5:
Toen klonken er
pauken en een regen van bloemen kwam naar beneden terwijl de
belangrijkste zangers van de hemel met hun vrouwen Zijn
onberispelijke heerlijkheid bezongen.
Kettledrums
then resounded in the sky while flowers rained down and the
chief Gandharvas and their wives sang Lord Krishna's
spotless glories. (Vedabase)
Tekst
6:
In de kring van
de dans was er een luid rumoer van de armbanden, de enkel- en
de gordelbelletjes van de vrouwen die tezamen waren met hun
Geliefde.
A
tumultuous sound arose from the armlets, ankle bells and
waist bells of the gopîs as they sported with
their beloved Krishna in the circle of the râsa
dance. (Vedabase)
Tekst
7:
De Opperheer,
de zoon van Devakî, zag er daar met hen net zo
schitterend prachtig uit als een uitgelezen [blauwe]
saffier temidden van gouden sieraden.
In
the midst of the dancing gopîs, Lord Krishna
appeared most brilliant, like an exquisite sapphire in the
midst of golden ornaments. (Vedabase)
Tekst
8:
De manier
waarop ze hun voeten neerzetten, door hun handgebaren, hun
glimlachen en speelse wenkbrauwen en hun wiegende heupen; door
hun bewegende borsten, hun kleren, hun oorbellen langs hun
halzen en hun transpirerende gezichten; met de vlechten van hun
haar, hun gordels strak aangetrokken en hun zingen over Hem,
straalden ze in de rol van Krishna's metgezellen als
bliksemflitsen tussen de wolken.
As
the gopîs sang in praise of Krishna, their feet
danced, their hands gestured, and their eyebrows moved with
playful smiles. With their braids and belts tied tight,
their waists bending, their faces perspiring, the garments
on their breasts moving this way and that, and their
earrings swinging on their cheeks, Lord Krishna's young
consorts shone like streaks of lightning in a mass of
clouds. (Vedabase)
Tekst
9:
Hardop zongen
zij, van wiens lied het hele universum doordrongen is, vanuit
hun gekleurde kelen, blij dansend, genietend in hun toewijding
tot de aanraking van Krishna.
Eager
to enjoy conjugal love, their throats colored with various
pigments, the gopîs sang loudly and danced.
They were overjoyed by Krishna's touch, and they sang songs
that filled the entire universe. (Vedabase)
Tekst
10:
Een
gopî die samen met Krishna[- 's stem haar
stem] hief in zuivere tonen van pure harmonie werd door Hem
geprezen die verheugd uitriep: 'uitstekend, uitstekend!' en een
andere die meedeed in een speciaal ritmisch patroon schonk Hij
veel bijzondere aandacht.
One
gopî, joining Lord Mukunda in His singing, sang pure
melodious tones that rose harmoniously above His. Krishna
was pleased and showed great appreciation for her
performance, saying "Excellent! Excellent!" Then another
gopî repeated the same melody, but in a special
metrical pattern, and Krishna praised her also.
(Vedabase)
Tekst
11:
Een bepaalde
gopî [Râdhâ waarschijnlijk],
stond er, met haar armbanden en bloemen losgegleden, vermoeid
bij buiten de dans en greep met haar arm de schouder van de
Meester van de Plechtigheid ['Hij die de knots
vasthoudt'].
When
one gopî grew tired from the râsa
dance, She turned to Krishna, standing at Her side
holding a baton, and grasped His shoulder with Her arm. The
dancing had loosened Her bracelets and the flowers in Her
hair. (Vedabase)
Tekst
12
Ergens anders
legde er een Krishna's arm, geurig als een blauwe lotus, over
haar schouder en kuste die met haar haren overeind de geur van
sandelhout opsnuivend.
Upon
the shoulder of one gopî Krishna placed His
arm, whose natural blue- lotus fragrance was mixed with that
of the sandalwood pulp anointing it. As the gopî
relished that fragrance, her bodily hair stood on end in
jubilation, and she kissed His arm. (Vedabase)
Tekst
13
Weer een andere
prachtig met de schittering van haar, door het dansen,
slingerende oorhangers, vleide haar wang tegen de Zijne en
kreeg de bethel
toebedeeld waarop Hij had gekauwd.
Next
to Krishna's cheek one gopî put her own,
beautified by the effulgence of her earrings, which
glittered as she danced. Krishna then carefully gave her the
betel nut He was chewing. (Vedabase)
Tekst
14
Een van hen die
met Krishna staande aan haar zijde aan het dansen en zingen was
met tinkelende enkel- en gordelbelletjes, plaatste, zich moe
voelend, Acyuta's zegenrijke lotushand op haar
borsten.
Another
gopî became fatigued as she danced and sang,
the bells on her ankles and waist tinkling. So she placed
upon her breasts the comforting lotus hand of Lord Acyuta,
who was standing by her side. (Vedabase)
Tekst
15
De
gopî's die met Zijn armen om hun nekken de
Onfeilbare Heer, de Exclusieve Minnaar van de Godin van het
Geluk, hadden bereikt als hun minnaar, waren erover verrukt Hem
te bezingen.
Having
attained as their intimate lover Lord Acyuta, the exclusive
consort of the goddess of fortune, the gopîs
enjoyed great pleasure. They sang His glories as He held
their necks with His arms. (Vedabase)
Tekst
16
Met de
lotusbloemen achter hun oren, hun haarlokken die hun kaken
opsierden, de schoonheid van hun bezwete gezichten en het ritme
van de harmonieuze geluiden van hun armbanden en belletjes,
dansten de gopî's, met de bloemen in hun haar
gevlochten eruit gevallen, op het gezoem van de bijen samen met
de Allerhoogste Heer rond in het perk van de dans.
Enhancing
the beauty of the gopîs' faces were the lotus
flowers behind their ears, the locks of hair decorating
their cheeks, and drops of perspiration. The reverberation
of their armlets and ankle bells made a loud musical sound,
and their chaplets scattered. Thus the gopîs
danced with the Supreme Lord in the arena of the
râsa dance as swarms of bees sang in
accompaniment. (Vedabase)
Tekst
17
Hij, de Meester
van de Godin van het Geluk, genoot aldus met omhelzingen,
aanrakingen van Zijn hand, liefdevolle blikken en brede speelse
glimlachen van de jongedames van Vraja net als een jongetje dat
speelt met zijn eigen spiegelbeeld.
In
this way Lord Krishna, the original Lord
Nârâyana, master of the goddess of fortune, took
pleasure in the company of the young women of Vraja by
embracing them, caressing them and glancing lovingly at them
as He smiled His broad, playful smiles. It was just as if a
child were playing with his own reflection.
(Vedabase)
Tekst
18
Van het
lichamelijk contact met Hem overweldigd in hun zinnen was het
voor de dames van Vraja niet gemakkelijk of zelfs maar mogelijk
om hun haar, hun kleding en de omslagen over hun borsten keurig
in orde te houden zodat hun bloemenkransen en opsier in wanorde
verkeerde, o beste van de Kuru's.
Their
senses overwhelmed by the joy of having His physical
association, the gopîs could not prevent their
hair, their dresses and the cloths covering their breasts
from becoming disheveled. Their garlands and ornaments
scattered, O hero of the Kuru dynasty. (Vedabase)
Tekst
19
Met de aanblik
van de spelende Krishna raakten de godinnen, rondhangend in de
hemel, rusteloos van liefdesverlangens in een trance en vielen
de maan en zijn volgelingen [de sterren] in
verbazing.
The
wives of the demigods, observing Krishna's playful
activities from their airplanes, were entranced and became
agitated with lust. Indeed, even the moon and his entourage,
the stars, became astonished. (Vedabase)
Tekst
20
Zichzelf
expanderend in evenzovele [gedaanten] als er
koeherdersvrouwen aanwezig waren genoot Hij, hoewel Hij de in
zichzelf voldane Opperheer was, ervan met Zijn Zelven met hen
te spelen.
Expanding
Himself as many times as there were cowherd women to
associate with, the Supreme Lord, though self-satisfied,
playfully enjoyed their company. (Vedabase)
Tekst
21
Van hen,
vermoeid van het plezier van de romantiek, wiste Hij met Zijn
hoogst rustgevende hand in liefdevol medeleven de gelaten, mijn
beste.
Seeing
that the gopîs were fatigued from conjugal
enjoyment, my dear King, merciful Krishna lovingly wiped
their faces with His comforting hand. (Vedabase)
Tekst
22
Zeer blij met
de aanraking van Zijn vingernagels bezongen de
gopî's de wederwaardigheden van hun Held, Hem
vererend met de nectar van de schoonheid van hun glimlachen,
blikken, kaken en haarlokken, goud glanzend in de gloed van hun
oorhangers.
The
gopîs honored their hero with smiling glances
sweetened by the beauty of their cheeks and the effulgence
of their curly locks and glittering golden earrings.
Overjoyed from the touch of His fingernails, they chanted
the glories of His all-auspicious transcendental pastimes.
(Vedabase)
Tekst
23
Met Zijn
bloemenslinger geplet en besmeurd met de kunkuma van hun
borsten, ging Hij, als de aanvoerder der Gandharva's onder
begeleiding van de gezwind volgende bijen, moe zijnde, met de
bedoeling de vermoeidheid te verdrijven, het water in ongeveer
zoals een mannetjesolifant dat doet met zijn wijfjes na de
irrigatiedijken [of de normale gedragsregels]
doorbroken te hebben.
Lord
Krishna's garland had been crushed during His conjugal
dalliance with the gopîs and colored vermilion
by the kunkuma powder on their breasts. To dispel the
fatigue of the gopîs, Krishna entered the water
of the Yamunâ, followed swiftly by bees who were
singing like the best of the Gandharvas. He appeared like a
lordly elephant entering the water to relax in the company
of his consorts. Indeed, the Lord had transgressed all
worldly and Vedic morality just as a powerful elephant might
break the dikes in a paddy field. (Vedabase)
Tekst
24
In het water
werd Hij van alle kanten nat gespetterd door de meisjes die Hem
met liefde en lachen in de gaten hielden, mijn beste, en
aanbeden vanuit de hemelse voertuigen met een regen van bloemen
vermaakte Hij, die persoonlijk altijd van binnenuit behaagd is,
zich ermee aldaar te spelen als de koning der olifanten
[zie ook 8.3].
My
dear King, in the water Krishna found Himself being splashed
on all sides by the laughing gopîs, who looked
at Him with love. As the demigods worshiped Him by showering
flowers from their airplanes, the self-satisfied Lord took
pleasure in playing like the king of the elephants.
(Vedabase)
Tekst
25
Net als een
olifant met zijn wijfjes druipend van de bronst kwam Hij toen,
omringd door Zijn zwerm bijen en vrouwen, aan in een bosje
nabij de Yamunâ dat overal volhing met de door de wind
meegevoerde geur van de bloemen in het water en op het land.
Then
the Lord strolled through a small forest on the bank of the
Yamunâ. This forest was filled to its limits with
breezes carrying the fragrances of all the flowers growing
on the land and in the water. Followed by His entourage of
bees and beautiful women, Lord Krishna appeared like an
intoxicated elephant with his she-elephants.
(Vedabase)
Tekst
26
Op deze manier
bracht Hij, de Waarheid van alle Verlangen, met Zijn vele
liefhebbende vriendinnetjes de nacht door die zo helder was
door de stralen van de maan. Daarbij manifesteerde Hij in
Zichzelf alle romantische gebaren in Zijn genieten van de
herfstnachten die zo inspireren tot poëtische
beschrijvingen van bovenzinnelijke gemoedsgesteldheden [of
rasa's].'
Although
the gopîs were firmly attached to Lord Krishna,
whose desires are always fulfilled, the Lord was not
internally affected by any mundane sex desire. Still, to
perform His pastimes the Lord took advantage of all those
moonlit autumn nights, which inspire poetic descriptions of
transcendental affairs. (Vedabase)
Tekst
27-28
S'rî
Parîkchit zei: 'Om het dharma te vestigen en de
opstandigen te onderwerpen, daalde Hij neder, de Allerhoogste
Heer, de Beheerser van het Universum met Zijn volkomen
deelaspect [Balarâma]. Hoe kon Hij, de
oorspronkelijk woordvoerder, uitvoerder en beschermer van de
morele gedragscodes, zich dermate in tegenspraak daarmee
gedragen o brahmaan, met het betasten van andermans
vrouwen?
Parîkshit
Mahârâja said: O brâhmana, the
Supreme Personality of Godhead, the Lord of the universe,
has descended to this earth along with His plenary portion
to destroy irreligion and reestablish religious principles.
Indeed, He is the original speaker, follower and guardian of
moral laws. How, then, could He have violated them by
touching other men's wives? (Vedabase)
Tekst
29
Wat had Hij, zo
in Zichzelf tevreden, in gedachten met deze welzeker
verwerpelijke vertoning, o beste der gezworenen, alstublieft
verlos ons van onze twijfel in dezen.'
O
faithful upholder of vows, please destroy our doubt by
explaining to us what purpose the self-satisfied Lord of the
Yadus had in mind when He behaved so contemptibly.
(Vedabase)
Tekst
30
S'rî
S'uka zei: 'Het breken met wat dharma is en de onnadenkendheid,
zoals men die kan aantreffen bij spiritueel gezaghebbenden,
betekent nog niet dat ze verkeerd bezig zijn. Het is met hen
als met een allesverzengend vuur [dat hetzelfde blijft
ongeacht wat het verteert].
S'ukadeva
Gosvâmî said: The status of powerful controllers
is not harmed by any apparently audacious transgression of
morality we may see in them, for they are just like fire,
which devours everything fed into it and remains unpolluted.
(Vedabase)
Tekst
31
Iemand die de
beheersing niet gegeven is [over zichzelf] moet er zeer
zeker niet aan denken ooit zoiets als dit te doen; zo'n iemand,
handelend uit dwaasheid, zou eraan kapot gaan, net zoals iemand
anders dan Rudra ten gronde zou gaan met [het drinken
van] het vergif van de oceaan [zie 8.7].
One
who is not a great controller should never imitate the
behavior of ruling personalities, even mentally. If out of
foolishness an ordinary person does imitate such behavior,
he will simply destroy himself, just as a person who is not
Rudra would destroy himself if he tried to drink an ocean of
poison. (Vedabase)
Tekst
32
Waar zijn de
woorden van degenen die de zaak in de hand hebben
[met de Heer en met zichzelf] en wat ze doen
behoort door mensen die intelligent zijn [alleen
maar] in een aantal gevallen als voorbeeld te worden
genomen, namelijk in die gevallen waarin er sprake van is dat
wat ze doen in overeenstemming is met wat ze zeiden [zie
*
en tevens
B.G. b.v. 3:
6-7,
3:
42,
5:
7].
The
statements of the Lord's empowered servants are always true,
and the acts they perform are exemplary when consistent with
those statements. Therefore one who is intelligent should
carry out their instructions. (Vedabase)
Tekst
33
Zo goed als er
voor hen die egoloos handelen geen voordeel te behalen valt met
wat ze in hun vroomheid doen zullen zij ook geen nadeel
ondervinden als ze tegengesteld aan de verwachtingen handelen.
My
dear Prabhu, when these great persons who are free from
false ego act piously in this world, they have no selfish
motives to fulfill, and even when they act in apparent
contradiction to the laws of piety, they are not subject to
sinful reactions. (Vedabase)
Tekst
34
Hoe kunnen we
nu in verband met de Heer die heerst over al de geschapen
wezens, al de dieren, de menselijke wezens en de bewoners van
de hemel, spreken over goed en kwaad?
How,
then, could the Lord of all created beings - animals, men
and demigods - have any connection with the piety and
impiety that affect His subject creatures? (Vedabase)
Tekst
35
De wijzen,
wiens karmische gebondenheid met het dienen van het stof van de
lotusvoeten allemaal is weggewassen, vinden met de macht van de
yoga hun tevredenheid en handelen vrijelijk, zij raken, door
Hem, nimmer verstrikt; in welke zin zou er ook sprake zijn van
gebondenheid onder hen die naar Zijn wil lichamen van
bovenzinnelijkheid hebben aangenomen? [zie
vapu].
Material
activities never entangle the devotees of the Supreme Lord,
who are fully satisfied by serving the dust of His lotus
feet. Nor do material activities entangle those intelligent
sages who have freed themselves from the bondage of all
fruitive reactions by the power of yoga. So how could there
be any question of bondage for the Lord Himself, who assumes
His transcendental forms according to His own sweet will?
(Vedabase)
Tekst
36
Hij die
binnenin de gopî's en hun echtgenoten, ja
werkelijk binnenin alle belichaamde wezens, leeft als de
Allerhoogste Getuige, heeft Zijn gedaante aangenomen om in deze
wereld Zijn spel te spelen.
He
who lives as the overseeing witness within the
gopîs and their husbands, and indeed within all
embodied living beings, assumes forms in this world to enjoy
transcendental pastimes. (Vedabase)
Tekst
37
Met het
aannemen van een menselijk lichaam om Zijn toegewijden Zijn
genade te tonen, gaat Hij over tot avonturen waardoor men
erover vernemend aan Hem verslingerd raakt [zie ook
1.7:
10].
When
the Lord assumes a humanlike body to show mercy to His
devotees, He engages in such pastimes as will attract those
who hear about them to become dedicated to Him.
(Vedabase)
Tekst
38
Hoewel de
koeherders van Vraja allen begoocheld waren door de macht van
Zijn mâyâ waren ze niet jaloers op Krishna;
ze gingen er allen van uit dat hun vrouwen aan hun zijde
stonden.
The
cowherd men, bewildered by Krishna's illusory potency,
thought their wives had remained home at their sides. Thus
they did not harbor any jealous feelings against Him.
(Vedabase)
Tekst
39
Ook al wilden
ze het niet, toch gingen de gopî's, de liefjes van
de Allerhoogste Heer, op Krishna's aanraden weer naar huis toen
die [eindeloze] nacht van Brahmâ om
was.
After
an entire night of Brahmâ had passed, Lord Krishna
advised the gopîs to return to their homes.
Although they did not wish to do so, the Lord's beloved
consorts complied with His command. (Vedabase)
Text
40
Een
ieder die met geloof luistert naar of een beschrijving geeft
van dit spel en vermaak van Heer Vishnu met de koeienmeisjes
van Vraja, zal de bovenzinnelijke toegewijde dienst aan de
Allerhoogste Heer bereiken, hij zal snel tot zichzelf komend de
ziekte van de lust in het hart weten te
verdrijven.'
Anyone
who faithfully hears or describes the Lord's playful affairs
with the young gopîs of Vrindâvana will
attain the Lord's pure devotional service. Thus he will
quickly become sober and conquer lust, the disease of the
heart. (Vedabase)
*
S'rî
Hayes'var Das, de vertaler van de eerste Canto's en het
Krishnaboek in het Nederlands schreef in zijn latere
dichterlijke © versie 'Het Spel van Krishna' van
het tiende Canto er dit vers van:
Wat
groten leren is volmaakt;
Niet steeds voorbeeldig is hun doen:
Een schrander mens volge hen slechts
In daden met de leer verzoend.