
Canto
6
Hoofdstuk 17: Moeder Pârvatî Vervloekt Citraketu
(1) S'rî S'uka zei: 'Na het brengen van zijn eerbetuigingen in de richting waarin Heer Ananta was verdwenen begon Citraketu, de Koning der Vidyâdhara's te reizen, over de gehele wereld rondtrekkend. (2-3) Zonder enig obstakel op zijn weg bezocht hij honderdduizenden mensen in duizenden plaatsen en werd hij in zijn kracht en zinsbeheersing door de wijzen, de volmaakten en de monniken geprezen als een grote yogi. Zijn hart ophalend temidden van de hoogten van Kulâcalendra [de berg Meru] alwaar men zich beoefent in de perfectie, schiep hij er genoegen in om met de vrouwen van de Vidyâdhara's de lof in het leven te roepen van Heer Hari, de Beheerser. (4-5) Toen hij eens rondtrok in zijn schitterend glanzende, hemelse voertuig dat hij van Heer Vishnu gekregen had, trof hij Heer S'iva temidden van al de heiligen. Omringd door de volmaakten en de zangers van de hemel, had hij zijn arm geslagen om de godin die bij hem op schoot zat. Citraketu moest er hard om lachen en sprak toen aldaar in de aanwezigheid van de moeder zodat ze het duidelijk kon horen. (6) Citraketu zei: 'Deze geestelijk leraar van heel de wereld, die voor al de belichaamden de rechtstreekse vertegenwoordiger is van het dharma, zit zowaar midden in een bijeenkomst zijn vrouw te omhelzen! (7) Met zijn haar samengeklit, verheven, van de boete, strikt in het spirituele en de vergadering voorzittend, omarmt hij een dame, er onbeschaamd bijzittend als de eerste de beste materieel gemotiveerde persoon. (8) Normaal gesproken omhelzen zelfs de geconditioneerde zielen hun vrouwen in het privé... en deze ene meester der geloften en verzaking geniet van zijn vrouw in een bijeenkomst!'
(9) S'rî S'uka zei: 'Toen de grote Heer der onpeilbare intelligentie dat hoorde o Koning, glimlachte hij enkel en hield hij zich stil, en zo deed iedereen dat in navolging. (10) Toen hij, zich niet bewust van de macht, zich tegen alle etiquette in zo uitliet, sprak de godin vertoornd tot de overmoedige die dacht dat hij zichzelf zo goed beheerste. (11) S'rî Pârvatî zei: 'En nu zou hij hier opeens de Allerhoogste Beheerser zijn, hij die de straf uitdeelt en die de meester der ingetogenheid is voor mensen als wij, die de criminelen en de schaamtelozen zijn? (12) Het is zeker zo dat hij die op de lotus zit geen flauw benul heeft van het dharma. En ook hebben Brahmâ's zonen, Bhrigu of Nârada, noch zeker ook de vier Kumâra's, Heer Kapila en Manu zelf er geen idee van, anders zouden ze onze S'iva er wel van weerhouden hebben de regels te breken! (13) Hij hier is de laagste der kshatriya's. Hij die door hem, met het overtreffen van de goden, zo respectloos werd terechtgewezen, is de ene die met zijn lotusvoeten de leraar van de hele wereld is en de goedgunstige der goedgunstigheid zelve om op te mediteren. Om die reden verdient deze man het te worden bestraft. (14) Deze onbeschofte, hooghartige kerel verdient het niet om de toevlucht der lotusvoeten van Vaikunthha, die door al de heiligen wordt aanbeden, te mogen benaderen [vergelijk: de S'ikshâshthaka]. (15) Daarom, o grootste onder de zondaars, ga heen en neem geboorte onder de demonen, o dwaas, zodat deze wereld weer de groten toebehoort en jij, mijn zoon, niet nog langer van enige overtreding zal zijn.'(16) S'rî S'uka zei: 'Aldus vervloekt kwam Citraketu van zijn hemelse wagen naar beneden om zich, met een diepe buiging van zijn hoofd voor Pârvatî, van zijn beste kant te laten zien, o zoon van Bharata. (17) Citraketu zei: 'Met mijn handen voor u gevouwen o Moeder, aanvaard ik uw vloek; dat wat de goden een sterveling opleggen wordt wordt geheel bepaald door zijn daden in het verleden. (18) In de vicieuze cirkel van dit materiële bestaan is het levend wezen verbijsterd in zijn onwetendheid en doolt hij overal rond, steeds maar geluk en ongeluk ervarend. (19) Een persoon zich niet bewust beschouwt zichzelf, en voorzeker ook anderen, in dezen als degene die handelt, maar noch kan werkelijk de individuele ziel, noch iemand anders, degene zijn die het geluk en het leed afroept. (20) Wat is, in deze maalstroom van de geaardheden der natuur, nu eigenlijk een vloek of een gunst, wat is nu een promotie naar de hemel of een neergang in de hel of wat zou geluk of leed daarin zijn? (21) Hij is de ene Allerhoogste Heer, die middels Zijn vermogens het geconditioneerde bestaan van al de wezens schept als ook het leven der bevrijding; het geluk en het leed enerzijds en de positie boven de tijd verheven anderzijds. (22) Voor Hem is niemand dierbaar of niet dierbaar, een familielid of een vriend, en ook hoort men niet bij anderen of bij Hem; Hij is gelijkgezind, alomtegenwoordig, onberoerd door de wereld en onthecht in dat geluk waarover men, in de gehechte staat, zich kwaad maakt. (23) Niettemin is er vanwege Zijn krachten met de belichaamden de schepping van het bij herhaling voorbestemd zijn voor geluk en leed, winst en verlies, gebondenheid en bevrijding en dood en geboorte. (24) Om die reden smeek ik u niet om van uw vloek bevrijd te raken o vertoornde. Ik wil alleen maar dat u mijn excuses aanvaardt voor alles wat in uw ogen, o kuise, voor mij iets verkeerds is geweest om te zeggen.'
(25) S'rî S'uka zei: 'Na aldus de verheven persoonlijkheden zijn respect getoond te hebben, o standvastige overwinnaar der vijanden, ging Citraketu in zijn eigen hemelvoertuig weg terwijl de twee hem gadegesloegen en toelachten. (26) Daarna zei toen de grote Heer tot zijn vrouw het volgende terwijl Nârada, de Daitya's, de Siddha's en zijn persoonlijke metgezellen allen luisterden. (27) S'rî Rudra zei: 'Heb je gezien, o schone, hoe grootmoedig de dienaren der dienaren zijn, de grote zielen die met het sensuele van verzaking in hun relatie met de Allerhoogste Persoonlijkheid wiens werken zo wonderbaarlijk zijn? (28) De zuivere zielen van Nârâyana zijn allen in geen enkele omstandigheid bevreesd, of het nu de hemel betreft, de bevrijding of het in de hel verkeren; in hun ogen maakt het niet uit waar men zich bevindt. (29) De belichaamden zijn, vanwege hun contact met het fysieke, met de Heer Zijn spel en vermaak zonder twijfel van de dualiteit van het geluk en het ongeluk, van de dood en van het geboren worden en van de vloek en de gunst. (30) Als men zonder de zaken op de juiste manier van elkaar te onderscheiden een verschil maakt, vindt men navenant binnenin de persoon zelf de kwaliteiten en de fouten die men maakt als gevolg van het zich iets verbeelden met het verschil van, bijvoorbeeld, er zeker van te zijn of men wel of niet een bloemenslinger heeft verdiend. (31) Mensen die in hun harten liefde en geloof koesteren jegens de Allerhoogste Heer Vâsudeva zijn van ware kennis en onthechting, zij zoeken hun heil niet in deze of gene materiële zegening [zie ook 1.2: 7]. (32) Noch ik, noch Heer Brahmâ, noch de As'vinî-kumâra's, noch Nârada, de zonen van Brahmâ, de heiligen noch al de grote halfgoden kennen de ware aard van Hem van wie wij, die onszelf zo graag zien als onafhankelijke heersers, allen maar gedeelten van delen zijn. (33) Inderdaad geniet niemand Zijn bijzondere voorkeur of afkeer noch behoort zelfs ook maar iemand Hem toe of aan iemand anders; als de Ziel van de ziel van alle wezens is de Heer de meest geliefde voor alle levende wezens. (34-35) Deze zo allerfortuinlijkste koning Citraketu is een alom geliefde, gehoorzame dienaar van Hem. Hij is een vreedzaam en gelijkgezind iemand die, net als ik, de liefde van de Onfeilbare is. Weest derhalve niet verbaasd over de manier van doen van die personen die de grote zielen en persoonlijkheden van de toewijding zijn vol van vrede en gelijkheid jegens allen.'
(36) S'rî S'uka zei: 'Aldus vernemend wat de grote heer S'iva haar te zeggen had vond Pârvatî haar gemoedsrust weer terug o Koning en raakte de godin verlost van haar ontsteltenis. (37) Toen hij, die als een grote toegewijde die in ieder opzicht in staat was een tegenvloek tegen de godin te formuleren, de veroordeling over zijn hoofd uitgestort aanvaardde, kenmerkte hem dat als een ware toegewijde. (38) Geboren uit de brahmaan genaamd Tvashthâ schakelde hij bij het Dakshina vuuroffer over op de afdeling van de demonische levensvormen, en werd hij aldus met al zijn kennis en wijsheid gevierd als Vritrâsura [zie 6.9 en vergelijk met 1.5: 19]. (39) Dit is alles [mijn beste Parîkchit] wat ik u uit had te leggen op wat u me vroeg over Vritrâsura, degene van een verheven intelligentie die werd geboren in de duisternis. (40) Deze geschiedenis van de vrome Citraketu die zo'n grote ziel was, omvat alle heerlijkheid, en hij die het van de toegewijden van Vishnu te horen krijgt, raakt bevrijd van de gebondenheid. (41) Een ieder die met de Heer steeds in gedachten vroeg opstaat in de ochtend en met geloof zijn woorden beheersend dit verhaal opleest, zal de hoogste bestemming bereiken.'
Tweede editie, geladen 28 mei 2007.
![]()
Vorige Aadhar-editie en Vedabase links:
S'rî S'uka zei: 'Na het brengen van zijn eerbetuigingen in de richting waarin Heer Ananta was verdwenen begon Citraketu, de Koning der Vidyâdhara's te reizen, over de gehele wereld rondtrekkend.S'rî S'uka zei: 'Na het brengen van zijn eerbetuigingen in de richting waarin Heer Ananta was verdwenen begon Citraketu, de Koning der vidyâdhara's te reizen, over de gehele wereld rondtrekkend. (Vedabase)
Zonder enig obstakel op zijn weg bezocht hij honderdduizenden mensen in duizenden plaatsen en werd hij in zijn kracht en zinsbeheersing door de wijzen, de volmaakten en de monniken geprezen als een grote yogi. Zijn hart ophalend temidden van de hoogten van Kulâcalendra [de berg Meru] alwaar men zich beoefent in de perfectie, schiep hij er genoegen in om met de vrouwen van de Vidyâdhara's de lof in het leven te roepen van Heer Hari, de Beheerser.
Zonder enig obstakel op zijn weg bezocht hij honderdduizenden mensen in duizenden plaatsen en werd hij in zijn kracht en zinsbeheersing door de wijzen, de volmaakten en de monniken geprezen als een grote yogî. Met zijn hart temidden van de hoogten van Kulâcalendra [de berg Meru] alwaar men zich beoefent in de perfectie, schiep hij er genoegen in om met de vrouwen van de vidyâdhara's de lof van Heer Hari, de Beheerser, in het leven te roepen. (Vedabase)
Toen hij eens rondtrok in zijn schitterend glanzende, hemelse voertuig dat hij van Heer Vishnu gekregen had, trof hij Heer S'iva temidden van al de heiligen. Omringd door de volmaakten en de zangers van de hemel, had hij zijn arm geslagen om de godin die bij hem op schoot zat. Citraketu moest er hard om lachen en sprak toen aldaar in de aanwezigheid van de moeder zodat ze het duidelijk kon horen.
Toen hij eens rondtrok in zijn schitterend glanzende hemelse voertuig dat hij van Heer Vishnu gekregen had, zag hij Heer S'iva temidden van al de heiligen, omringd door de volmaakten en de zangers van de hemel, met zijn arm om de godin geslagen die bij hem op schoot zat, en luidkeels lachend sprak hij aldaar in de aanwezigheid van de moeder zodat ze het duidelijk kon horen. (Vedabase)
Citraketu zei: 'Deze geestelijk leraar van heel de wereld, die voor al de belichaamden de rechtstreekse vertegenwoordiger is van het dharma, zit zowaar midden in een bijeenkomst zijn vrouw te omhelzen!
Citraketu zei: 'Deze geestelijk leraar van heel de wereld, die voor al de belichaamden de rechtstreekse vertegenwoordiger is van het dharma, zit zowaar midden in een bijeenkomst zijn vrouw te omhelzen! (Vedabase)
Met zijn haar samengeklit, verheven, van de boete, strikt in het spirituele en de vergadering voorzittend, omarmt hij een dame, er onbeschaamd bijzittend als de eerste de beste materieel gemotiveerde persoon.
Met zijn haar samengeklit, verheven van de boete, strikt naar het spirituele en de vergadering voorzittend is hij een dame aan het koesteren en zit hij daar onbeschaamd als was hij een materieel persoon. (Vedabase)
Normaal gesproken omhelzen zelfs de geconditioneerde zielen hun vrouwen in het privé... en deze ene meester der geloften en verzaking geniet van zijn vrouw in een bijeenkomst!'
Normaal gesproken omhelzen zelfs de gekonditioneerde zielen hun vrouwen in het privé... en deze ene meester der geloften en verzaking geniet van zijn vrouw in een samenkomst!' (Vedabase)
S'rî S'uka zei: 'Toen de grote Heer der onpeilbare intelligentie dat hoorde o Koning, glimlachte hij enkel en hield hij zich stil, en zo deed iedereen dat in navolging.
S'rî S'uka zei: 'De grote Heer der onpeilbare intelligentie die dat ook meekreeg o Koning, glimlachte enkel en hield zich stil en zo deed iedereen dat naar zijn voorbeeld. (Vedabase)Toen hij, zich niet bewust van de macht, zich tegen alle etiquette in zo uitliet, sprak de godin vertoornd tot de overmoedige die dacht dat hij zichzelf zo goed beheerste.
Toen hij aldus zich niet bewust van de macht tegen alle etiquette in zich uitliet, sprak de godin vertoornd tot de overmoedige die dacht dat hij zichzelf zo goed beheerste. (Vedabase)
S'rî Pârvatî zei: 'En nu zou hij hier opeens de Allerhoogste Beheerser zijn, hij die de straf uitdeelt en die de meester der ingetogenheid is voor mensen als wij, die de criminelen en de schaamtelozen zijn?
S'rî Pârvatî zei: 'En nu moeten we deze hier verslijten voor de Allerhoogste Beheerser, hij die de straf uitdeelt en de meester der ingetogenheid is voor mensen als wij, de criminelen en de schaamtelozen? (Vedabase)
Het is zeker zo dat hij die op de lotus zit geen flauw benul heeft van het dharma. En ook hebben Brahmâ's zonen, Bhrigu of Nârada, noch zeker ook de vier Kumâra's, Heer Kapila en Manu zelf er geen idee van, anders zouden ze onze S'iva er wel van weerhouden hebben de regels te breken!
Het is zeker hij die op de lotus zit die geen flauw benul heeft van wat dharma is, noch hebben Brahmâ's zoon, Brghu of Nârada, noch zeker ook de vier Kumâra's, Heer Kapila en Manu zelve er een idee van hoe ze onze S'iva die de regels brak een halt toe moeten roepen! (Vedabase)
Hij hier is de laagste der kshatriya's. Hij die door hem, met het overtreffen van de goden, zo respectloos werd terechtgewezen, is de ene die met zijn lotusvoeten de leraar van de hele wereld is en de goedgunstige der goedgunstigheid zelve om op te mediteren. Om die reden verdient deze man het te worden bestraft.
Van allen is hij, die door deze laagste der kshatriya's met het overtreffen van de goden zo schaamteloos werd terecht gewezen, de ene met de lotusvoeten die de leraar van de wereld en de goedgunstige der goedgunstigheid zelve is om op te mediteren. Derhalve behoort deze man daadwerkelijk te worden gestraft. (Vedabase)
Deze onbeschofte, hooghartige kerel verdient het niet om de toevlucht der lotusvoeten van Vaikunthha, die door al de heiligen wordt aanbeden, te mogen benaderen [vergelijk: de S'ikshâshthaka].
Deze onbeschofte hooghartige kerel verdient het niet de toevlucht der lotusvoeten van Vaikunthha, die door al de heiligen wordt aanbeden, te mogen benaderen [vergelijk: de Siksâstaka]. (Vedabase)
Daarom, o grootste onder de zondaars, ga heen en neem geboorte onder de demonen, o dwaas, zodat deze wereld weer de groten toebehoort en jij, mijn zoon, niet nog langer van enige overtreding zal zijn.'
Daarom o grootste onder de zondaars, ga heen en neem geboorte onder de demonen, o dwaas, zodat deze wereld weer de groten toebehoort en dat jij mijn zoon, niet nog langer van enige overtreding zal zijn.' (Vedabase)
S'rî S'uka zei: 'Aldus vervloekt kwam Citraketu van zijn hemelse wagen naar beneden om zich, met een diepe buiging van zijn hoofd voor Pârvatî, van zijn beste kant te laten zien, o zoon van Bharata.
S'rî S'uka zei: 'Aldus vervloekt kwam Citraketu van zijn hemelse wagen naar beneden om zich, voor Pârvatî zijn hoofd diep buigend, van zijn beste kant te laten zien, o zoon van Bharata. (Vedabase)
Citraketu zei: 'Met mijn handen voor u gevouwen o Moeder, aanvaard ik uw vloek; dat wat de goden een sterveling opleggen wordt wordt geheel bepaald door zijn daden in het verleden.
Citraketu zei: 'Met mijn handen voor u gevouwen o Moeder, aanvaard ik uw vloek; dat wat aan een sterveling door de goden wordt opgelegd wordt waarlijk bepaald door zijn daden in het verleden. (Vedabase)
In de vicieuze cirkel van dit materiële bestaan is het levend wezen verbijsterd in zijn onwetendheid en doolt hij overal rond, steeds maar geluk en ongeluk ervarend.
In de vicieuze cirkel van dit materiële bestaan is het levend wezen verbijsterd door onwetendheid en doolt hij overal rond, steeds maar geluk en ongeluk ervarend. (Vedabase)
Een persoon zich niet bewust beschouwt zichzelf, en voorzeker ook anderen, in dezen als degene die handelt, maar noch kan werkelijk de individuele ziel, noch iemand anders, degene zijn die het geluk en het leed afroept.
Een persoon zich niet bewust beschouwt zichzelf en voorzeker ook anderen in dezen als degene die handelt, maar noch kan werkelijk de individuele ziel noch iemand anders degene zijn die het geluk en het leed afroept. (Vedabase)
Wat is, in deze maalstroom van de geaardheden der natuur, nu eigenlijk een vloek of een gunst, wat is nu een promotie naar de hemel of een neergang in de hel of wat zou geluk of leed daarin zijn?
Wat is nu, in deze maalstroom van de geaardheden der natuur, een vloek of inderdaad een gunst, wat is nu een promotie naar de hemel of een neergang in de hel of wat zou geluk of leed daarin zijn? (Vedabase)
Hij is de ene Allerhoogste Heer, die middels Zijn vermogens het geconditioneerde bestaan van al de wezens schept als ook het leven der bevrijding; het geluk en het leed enerzijds en de positie boven de tijd verheven anderzijds.
Hij is de ene Allerhoogste Heer, die middels Zijn vermogens het gekonditioneerde leven van al de wezens schept als ook het leven der bevrijding; het geluk en het leed enerzijds en de positie boven de tijd verheven anderzijds. (Vedabase)
Voor Hem is niemand dierbaar of niet dierbaar, een familielid of een vriend, en ook hoort men niet bij anderen of bij Hem; Hij is gelijkgezind, alomtegenwoordig, onberoerd door de wereld en onthecht in dat geluk waarover men, in de gehechte staat, zich kwaad maakt.
Voor Hem is niemand dierbaar of niet dierbaar, noch is men een familielid of een vriend of is men ook niet van iemand anders of van Hemzelf; Hij is gelijkgezind, alomtegenwoordig, onaangedaan door de wereld en onthecht in dat geluk waarvan er [bij normale mensen] feitelijk de woede is. (Vedabase)
Niettemin is er vanwege Zijn krachten met de belichaamden de schepping van het bij herhaling voorbestemd zijn voor geluk en leed, winst en verlies, gebondenheid en bevrijding en dood en geboorte.
Niettemin is er van Zijn krachten voor de belichaamden de schepping van het bij herhaling voorbestemd zijn voor geluk en leed, winst en verlies, gebondenheid en bevrijding en dood en geboorte. (Vedabase)
Om die reden smeek ik u niet om van uw vloek bevrijd te raken o vertoornde. Ik wil alleen maar dat u mijn excuses aanvaardt voor alles wat in uw ogen, o kuise, voor mij iets verkeerds is geweest om te zeggen.'
Daarom smeek ik u niet om van uw vloek bevrijd te raken, maar enkel om te zorgen dat u mijn excuses aanvaart voor alles wat u, o kuisheid, beschouwt als verkeerd door mij gezegd. (Vedabase)
S'rî S'uka zei: 'Na aldus de verheven persoonlijkheden zijn respect getoond te hebben, o standvastige overwinnaar der vijanden, ging Citraketu in zijn eigen hemelvoertuig weg terwijl de twee hem gadegesloegen en toelachten.
S'rî S'uka zei: 'Na aldus de verheven persoonlijkheden te hebben gerespekteerd, o gedurige overwinnaar der vijanden, ging Citraketu weg met zijn eigen vervoer van de hemel van waaruit de twee hem gade sloegen en toelachten. (Vedabase)
Daarna zei toen de grote Heer tot zijn vrouw het volgende terwijl Nârada, de Daitya's, de Siddha's en zijn persoonlijke metgezellen allen luisterden.
Daarna zei toen de grote Heer tot zijn vrouw het volgende terwijl Nârada, de daitya's en de siddha's en zijn persoonlijke metgezellen allen luisterden. (Vedabase)
S'rî Rudra zei: 'Heb je gezien, o schone, hoe grootmoedig de dienaren der dienaren zijn, de grote zielen die met het sensuele van verzaking in hun relatie met de Allerhoogste Persoonlijkheid wiens werken zo wonderbaarlijk zijn?
S'rî Rudra zei: 'Heb je gezien, o schone, hoe grootmoedig de dienaren der dienaren zijn, de grote zielen in het verzaken van het sensuele jegens de Allerhoogste Persoonlijkheid, Wiens werken zo wonderbaarlijk zijn? (Vedabase)
De zuivere zielen van Nârâyana zijn allen in geen enkele omstandigheid bevreesd, of het nu de hemel betreft, de bevrijding of het in de hel verkeren; in hun ogen maakt het niet uit waar men zich bevindt.
De zuivere zielen van Nârâyana zijn allen in geen enkele omstandigheid bevreesd, of het nu de hemel betreft, de bevrijding of het in de hel verkeren; in hun ogen is het allemaal van gelijke waarde. (Vedabase)
De belichaamden zijn, vanwege hun contact met het fysieke, met de Heer Zijn spel en vermaak zonder twijfel van de dualiteit van het geluk en het ongeluk, van de dood en van het geboren worden en van de vloek en de gunst.
De belichaamden zijn vanwege het in aanraking verkeren met het fysieke zonder twijfel van het tweevoudige van de Heer Zijn spel en vermaak, van het geluk en het ongeluk, van de dood en van geboorte en van de vloek en de gunst. (Vedabase)
Als men zonder de zaken op de juiste manier van elkaar te onderscheiden een verschil maakt, vindt men navenant binnenin de persoon zelf de kwaliteiten en de fouten die men maakt als gevolg van het zich iets verbeelden met het verschil van, bijvoorbeeld, er zeker van te zijn of men wel of niet een bloemenslinger heeft verdiend.
Zonder onderscheidingsvermogen inderdaad verschil makend, zijn er op die manier van de persoon binnen in hemzelf de kwaliteiten en de fouten van de verbeelding gemaakt met het verschil van het bij voorbeeld zeker zijn van het dragen van een bloemenslinger. (Vedabase)
Mensen die in hun harten liefde en geloof koesteren jegens de Allerhoogste Heer Vâsudeva zijn van ware kennis en onthechting, zij zoeken hun heil niet in deze of gene materiële zegening [zie ook 1.2: 7].
Mensen die in hun harten liefde en geloof koesteren jegens de Allerhoogste Heer Vâsudeva zijn van ware kennis en onthechting, zij nemen hun toevlucht niet tot enig fysiek vermogen [zie ook 1.2:7]. (Vedabase)
Noch ik, noch Heer Brahmâ, noch de As'vinî-kumâra's, noch Nârada, de zonen van Brahmâ, de heiligen noch al de grote halfgoden kennen de ware aard van Hem van wie wij, die onszelf zo graag zien als onafhankelijke heersers, allen maar gedeelten van delen zijn.
Noch ik, noch Heer Brahmâ, noch de As'vinî-Kumâra's, noch Nârada, de zonen van Brahmâ, de heiligen noch al de grote halfgoden kennen de ware aard van Hem van wie zij die zichzelf zien als onafhankelijke heersers, allen gedeelten van delen zijn. (Vedabase)
Inderdaad geniet niemand Zijn bijzondere voorkeur of afkeer noch behoort zelfs ook maar iemand Hem toe of aan iemand anders; als de Ziel van de ziel van alle wezens is de Heer de meest geliefde voor alle levende wezens.
Inderdaad geniet niemand Zijn bijzondere voorkeur of afkeer noch behoort zelfs ook maar iemand Hem toe of aan iemand anders; als de ziel van de ziel van alle wezens is de Heer de meest geliefde voor alle levende wezens. (Vedabase)
Deze zo allerfortuinlijkste koning Citraketu is een alom geliefde, gehoorzame dienaar van Hem. Hij is een vreedzaam en gelijkgezind iemand die, net als ik, de liefde van de Onfeilbare is. Weest derhalve niet verbaasd over de manier van doen van die personen die de grote zielen en persoonlijkheden van de toewijding zijn vol van vrede en gelijkheid jegens allen.'
Deze zo allerfortuinlijkste koning Citraketu is een gehoorzame dienaar van Hem die overal geliefd is, hij heeft een gelijkgezinde blik en is werkelijk van de vrede en hij is, net als ik, de liefde van de Onfeilbare. Weest derhalve niet verbaasd over de manier van doen van die personen die de grote zielen en de grote persoonlijkheden zijn van toewijding in vrede en gelijkheid jegens allen.' (Vedabase)
S'rî S'uka zei: 'Aldus vernemend wat de grote heer S'iva haar te zeggen had vond Pârvatî haar gemoedsrust weer terug o Koning en raakte de godin verlost van haar ontsteltenis.
S'rî S'uka zei: 'Aldus vernemend wat de grote heer S'iva haar te zeggen had vond Pârvatî haar gemoedsrust weer terug o Koning en raakte de godin verlost van haar ontsteltenis. (Vedabase)
Toen hij, die als een grote toegewijde die in ieder opzicht in staat was een tegenvloek tegen de godin te formuleren, de veroordeling over zijn hoofd uitgestort aanvaardde, kenmerkte hem dat als een ware toegewijde.
Toen hij, die als een grote toegewijde in ieder opzicht in staat was een tegenvloek tegen de godin te formuleren, de veroordeling over zijn hoofd uitgestort aanvaardde, kenmerkte hem dat als een ware toegewijde. (Vedabase)
Geboren uit de brahmaan genaamd Tvashthâ schakelde hij bij het Dakshina vuuroffer over op de afdeling van de demonische levensvormen, en werd hij aldus met al zijn kennis en wijsheid gevierd als Vritrâsura [zie 6.9 en vergelijk met 1.5: 19].
Geboren uit de brahmaan genaamd Tvâsta ging hij bij het daksina vuuroffer over tot de afdeling van de demonische levensvormen en werd hij aldus met al zijn kennis en wijsheid gevierd als Vritrâsura [zie 6.9 en vergelijk met 1.5:19]. (Vedabase)
Dit is alles [mijn beste Parîkchit] wat ik u uit had te leggen op wat u me vroeg over Vritrâsura, degene van een verheven intelligentie die werd geboren in de duisternis.
Dit is alles wat ik u uit te leggen had op uw vragen aan mij over Vritrâsura, degene van een verheven intelligentie die werd geboren in de duisternis. (Vedabase)
Deze geschiedenis van de vrome Citraketu die zo'n grote ziel was, omvat alle heerlijkheid, en hij die het van de toegewijden van Vishnu te horen krijgt, raakt bevrijd van de gebondenheid.
Deze geschiedenis van de zedige Citraketu die zo'n grote ziel was, omvat alle heerlijkheid en hij die ervan verneemt van de toegewijden van Vishnu, raakt bevrijd van de gebondenheid. (Vedabase)
Een ieder die met de Heer steeds in gedachten vroeg opstaat in de ochtend en met geloof zijn woorden beheersend dit verhaal opleest, zal de hoogste bestemming bereiken.'
Een ieder die vroeg opstaat in de ochtend en met geloof zijn woorden beheersend dit verhaal opleest, die persoon zich de Heer heugend, zal de hoogste bestemming bereiken.' (Vedabase)
![]()
Voor deze oorspronkelijke vertaling is een alles-in-een band exemplaar
met uitgebreid commentaar gebruikt.
ISBN: o-91277-27-7
Zie de S'rîmad Bhâgavatam linkspagina
voor een download van dit boek en andere boeken van Prabhupâda.
Productie: de Filognostische Associatie van De Orde van de Tijd
Feed-back | Links | Downloads | Muziek | Afbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties