regelbalk


 

Canto 9

S'rî S'rî S'ikshâshthaka

 

 

Hoofdstuk 8: De Zonen van Sagara Ontmoeten Heer Kapiladeva

(1) S'rî S'uka zei: 'Harita was de zoon van Koning Rohita [zie voorgaand hoofdstuk] en zijn zoon Campa bouwde een stad genaamd Campâpurî. Na hem was er Sudeva die ook een zoon had genaamd Vijaya. (2) Bharuka was de zoon van Vijaya, hij had er een genaamd Vrika en Vrika had Bâhuka van wie al het land dat hij bezat werd ingepikt door zijn vijanden zodat de koning met zijn vrouw het bos in moest. (3) Toen hij van ouderdom was gestorven wilde zijn koningin tezamen met hem sterven maar de wijze Aurva, die begreep dat ze zwanger was met een jongetje in haar schoot, verbood dat. (4) De bijvrouwen die dit ontdekten dienden haar vergif toe met haar voedsel, maar met het gif werd Sagara ['met vergif'] geboren, die een keizer werd met een grote vermaardheid. Zijn zonen waren verantwoordelijk voor de plaats genaamd Gangâsâgara. (5-6) Hij doodde niet de anti-socialen [Tâlajangha's, of boom-mensen], zij die tegenstreefden [de Yavana's, ook: bezetters als de Moslims en de Europeanen], de goddelozen [de S'akâ's], de schurken [Haihaya's] en de barbaren [Barbara's]. In opdracht van de goeroe deed hij hen verschijnen in ongewone kleding, glad geschoren, snorren dragend of soms accepteerde hij ze als mensen met loshangend haar, half geschoren, zonder ondergoed aan of als ze helemaal geen kleren aan hadden. (7) Hij naar wat Aurva had gezegd was in de yoga met de Superziel van alle vedische kennis en de verlichte zielen, en was met paardoffers van aanbidding voor de Heer, het Oorspronkelijke Zelf en de Beheerser. Op een dag ontdekte hij dat het paard dat werd gebruikt voor het offer was gestolen door Purandara [Indra, zie ook 4.19: 17]. (8) De trotse zoons geboren uit Sumati [een vrouw van Sagara] zetten toen in opdracht van hun vader het hele land op z'n kop om uit te vinden waar het paard was gebleven. (9-10) In de noordoostelijke richting zagen ze een paard nabij de âs'rama van Kapila en zeiden: 'Nu weten we waar die paardendief met zijn ogen dicht leeft; doodt hem, doodt hem die zondaar!' Toen aldus de zestigduizend mannen van Sagara met hun wapens geheven op hem afkwamen, opende de muni op dat moment zijn ogen. (11) Van hun verstand beroofd [door Indra] en in overtreding met zo een grote persoonlijkheid [als Kapila], vatten hun lichamen ter plekke spontaan vlam en veranderden ze in as. (12) Het is niet het standpunt van de wijzen te beweren dat de zonen van de keizer dus tot as werden verbrand door de woede van de muni, want hoe kan nu met hem [Hem] als de hemel der goedheid door wiens genade het ganse universum gezuiverd raakt, de geaardheid der onwetendheid overwegen en er woede ontstaan - hoe kan aards stof de ether vervuilen? (13) Met hem die zo diepgaand de wereld analytisch verklaarde [zie 3.25-33] en er in deze wereld is als een boot waarmee een zoeker de oceaan der onwetendheid kan oversteken die men in zijn materiële bestaan zo moeilijk te boven kan komen - hoe kan er daar, met een geleerd persoon verheven in bovenzinnelijkheid, enig idee van een onderscheid zijn tussen vriend en vijand? [zo iemand is altijd vreugdevol: prasannâtmâ] (14) Hij die geboren uit Kes'inî [Sagara's andere echtgenote] Asamañjasa werd genoemd had als prins een eigen zoon bekend als Ams'umân die altijd zijn best deed om voor zijn grootvader te doen wat hij maar kon. (15-16) Voorheen een yogi, zoals hij zich dat kon herinneren uit een vorig leven, was Asamañjasa van het pad van de yoga afgedwaald vanwege slecht gezelschap en had hij zich persoonlijk bewezen op een hoogst storende manier. Zich slecht gedragend bezorgde hij iedereen in de samenleving moeilijkheden en was hij, voor de sport met zijn verwanten bezig, alleronaardigst geweest door al de jongens in de rivier de Sarayû te smijten. (17) Van deze daden [de jongens waren verdwenen] werd hij door zijn vader, die zijn liefde voor hem op had gegeven, zowaar verbannen. Met de macht van de yoga [echter] slaagde hij erin de jongens weer te laten verschijnen en ging hij weg. (18) O Koning, de bewoners van Ayodhyâ waren stomverbaasd om hun zonen weer te zien opduiken terwijl het de koning oprecht speet [dat nu zijn zoon verdwenen was]. (19) Ams'umân er door de koning toe opgedragen op zoek te gaan naar het paard, ging er op uit het spoor volgend dat zijn ooms hadden achtergelaten en trof het paard aan nabij een hoop as. (20) Toen hij de Bovenzinnelijke [de Vishnu avatâra] die bekend stond als Kapila zag, bracht hij de grote persoonlijkheid oplettend met gevouwen handen gebeden waarbij hij zich languit voorover wierp.

(21) Ams'umân zei: 'Niemand van ons levende wezens kan zich een voorstelling maken van U als de Transcendentale. Tot op de dag van vandaag kan zelfs Heer Brahmâ U niet doorgronden en door welk mediteren of ernaar raden zouden anderen dat, wij schepselen van de materiële wereld die, het lichaam aanziend voor het zelf, de bovenzinnelijkheid missen [zie ook B.G. 7: 27]? (22) Zij die een materieel lichaam aanvaardden onder de invloed van de drie geaardheden [de guna's, zie ook B.G. 14: 5] kunnen enkel die drie geaardheden zien, zo zegt men, en verbijsterd door de illusieverwekkende energie U niet kennen die zich in goedheid bevindt in de kern van het hart van het lichaam; ze zien enkel maar de uiterlijke bijprodukten. (23) Door Sanandana en andere aanbiddelijke wijzen die vrij zijn van de vervuilende en verbijsterende illusoire differentiatie veroorzaakt door de guna's, wordt alle wijsheid met de oorspronkelijke aard [svabhâva] tot één geheel samengevoegd [zie B.G. 14: 26 & 2: 45], maar hoe kan ik als een dwaas der materie nu U, de Persoonlijkheid [van die eenheid], in gedachten houden? (24) O Vreedzame, ik bied U, de Oorspronkelijke Allerhoogste Persoonlijkheid, mijn eerbetuigingen, U die zonder een naam en een vorm, transcendentaal aan het tijdelijke en eeuwige, teneinde de bovenzinnelijke kennis uit te dragen, naar de geaardheden der natuur een materieel lichaam heeft aangenomen dat zich kenmerkt door vruchtdragende handelingen. (25) Met hun huis en haard, Uw materiële energie aanvaardend als ware het datgene waar het om gaat, dolen ze [geboorte na geboorte] rond in deze wereld in hun harten verbijsterd door lust, hebzucht, afgunst en illusie. (26) O Allerhoogste Heer, door U enkel maar te zien is vandaag deze harde en hechte knoop van onze illusie doorbroken als gevolg waarvan men in zijn zinnelijkheid onder de invloed staat van de lust en de baatzucht, o Ziel van alle levenden!'

(27) S'rî S'uka zei: 'O meester der mensen, de grote wijze en Allerhoogste Heer Kapila op deze manier verheerlijkt, zei Ams'umân genadig het volgende over het pad der kennis. (28) De Allerhoogste Heer zei: 'Neem dit paard mijn zoon, het is het offerdier van uw grootvader, maar al deze lichamen van uw voorvaderen die tot as verbrand zijn kunnen op geen enkele andere manier worden gered dan door Ganges-water.' (29) Na om Hem heen gelopen te hebben, voor Hem buigend tot Zijn voldoening, bracht hij het paard terug naar Sagara en werd door middel van het offeren van dat dier de afsluitende ceremonie volbracht. (30) Het pad volgend uitgestippeld door Aurva droeg hij [Sagara], bevrijd van gehechtheden en verlangens, het koninkrijk over aan Ams'umân en bereikte hij de allerhoogste bestemming.'

   

 

 

next

 

 

 Tweede editie, geladen 15 december 2007

 

 

 

Vorige Aadhar-editie en Vedabase links:

 

Tekst 1

S'rî S'uka zei: 'Harita was de zoon van Koning Rohita [zie voorgaand hoofdstuk] en zijn zoon Campa bouwde een stad genaamd Campâpurî. Na hem was er Sudeva die ook een zoon had genaamd Vijaya.

S'rî S'uka zei: 'Hârîta was de zoon van Koning Rohita [zie voorgaand hoofdstuk] en zijn zoon Campa bouwde een stad genaamd Campâpurî. Na hem was er Sudeva die ook een zoon had genaamd Vijaya. (Vedabase)

 

Tekst 2

Bharuka was de zoon van Vijaya, hij had er een genaamd Vrika en Vrika had Bâhuka van wie al het land dat hij bezat werd ingepikt door zijn vijanden zodat de koning met zijn vrouw het bos in moest.

Bharuka was de zoon van Vijaya, hij had er een genaamd Vrika en Vrika had Bâhuka wiens land allemaal werd afgepakt door zijn vijanden zodat de koning met zijn vrouw het bos inging. (Vedabase)

 

Tekst 3

Toen hij van ouderdom was gestorven wilde zijn koningin tezamen met hem sterven maar de wijze Aurva, die begreep dat ze zwanger was met een jongetje in haar schoot, verbood dat.

Toen hij van ouderdom was gestorven wilde zijn koningin tezamen met hem sterven maar de wijze Aurva, die begreep dat ze zwanger was met een jongetje in haar schoot, verbood dat. (Vedabase)

 

Tekst 4

De bijvrouwen die dit ontdekten dienden haar vergif toe met haar voedsel, maar met het gif werd Sagara ['met vergif'] geboren, die een keizer werd met een grote vermaardheid. Zijn zonen waren verantwoordelijk voor de plaats genaamd Gangâsâgara.

De bijvrouwen die dit ontdekten dienden haar vergif toe met haar voedsel, maar met het gif werd Sagara ['met vergif'] geboren, die een keizer werd met een grote vermaardheid. Zijn zonen waren verantwoordelijk voor de plaats genaamd Gangâsâgara. (Vedabase)

 

Tekst 5-6

Hij doodde niet de anti-socialen [Tâlajangha's, of boom-mensen], zij die tegenstreefden [de Yavana's, ook: bezetters als de Moslims en de Europeanen], de goddelozen [de S'akâ's], de schurken [Haihaya's] en de barbaren [Barbara's]. In opdracht van de goeroe deed hij hen verschijnen in ongewone kleding, glad geschoren, snorren dragend of soms accepteerde hij ze als mensen met loshangend haar, half geschoren, zonder ondergoed aan of als ze helemaal geen kleren aan hadden.

Het was hij die, niet de anti-socialen [tâlajangha, of boom-mensen], de tegenstrevers [de yavana's, ook: bezetters als de Moslims en de Europeanen], de goddelozen [de s'akâ's], de schurken [haihaya's] en de barbaren [barbara's] naar het leven staand, in opdracht van de goeroe, hen deed verschijnen in ongewone kleding, glad geschoren, snorren dragend of ze soms accepteerde als mensen met loshangend haar, half geschoren, zonder ondergoed en anderen die helemaal niet gekleed waren. (Vedabase)

   

Tekst 7

Hij naar wat Aurva had gezegd was in de yoga met de Superziel van alle vedische kennis en de verlichte zielen, en was met paardoffers van aanbidding voor de Heer, het Oorspronkelijke Zelf en de Beheerser. Op een dag ontdekte hij dat het paard dat werd gebruikt voor het offer was gestolen door Purandara [Indra, zie ook 4.19: 17].

Hij was op voorspraak van Aurva, in yoga met de Superziel van alle vedische kennis en de verlichte zielen, met paardenoffers van aanbidding voor de Heer, het Oorspronkelijke Zelf en de Beheerser waarin hem [op een dag] het offerpaard gebruikt in het eerbetoon werd ontstolen door Purandara [Indra[Indra, zie ook 4.19: 17]. (Vedabase)

 

Tekst 8

De trotse zoons geboren uit Sumati [een vrouw van Sagara] zetten toen in opdracht van hun vader het hele land op z'n kop om uit te vinden waar het paard was gebleven.

De trotse zoons geboren uit Sumati [een vrouw van Sagara] zetten in opdracht van hun vader de aarde op z'n kop op zoek naar het paard. (Vedabase)

 

Tekst 9-10

In de noordoostelijke richting zagen ze een paard nabij de âs'rama van Kapila en zeiden: 'Nu weten we waar die paardendief met zijn ogen dicht leeft; doodt hem, doodt hem die zondaar!' Toen aldus de zestigduizend mannen van Sagara met hun wapens geheven op hem afkwamen, opende de muni op dat moment zijn ogen.

In de noordoostelijke richting zagen ze een paard nabij de âs'rama van Kapila en zeiden: 'Nu weten we waar de paardendief, met zijn ogen gesloten, leeft; doodt hem, doodt hem die zondaar!'. Toen aldus de zestigduizend mannen van Sagara met hun wapens geheven op hem afkwamen, opende de muni op dat moment zijn ogen. (Vedabase)

 

Tekst 11

Van hun verstand beroofd [door Indra] en in overtreding met zo een grote persoonlijkheid [als Kapila], vatten hun lichamen ter plekke spontaan vlam en veranderden ze in as.

Van hun verstand beroofd [door Indra] en in overtreding met zo een grote persoonlijkheid [als Kapila], vatten hun lichamen ter plekke spontaan vlam en veranderden ze in as. (Vedabase)

 

Tekst 12

Het is niet het standpunt van de wijzen te beweren dat de zonen van de keizer dus tot as werden verbrand door de woede van de muni, want hoe kan nu met hem [Hem] als de hemel der goedheid door wiens genade het ganse universum gezuiverd raakt, de geaardheid der onwetendheid overwegen en er woede ontstaan - hoe kan aards stof de ether vervuilen?

Het is niet naar de mening van de geheiligden te beweren dat de zonen van de keizer dus tot as werden verbrand door de woede van de muni; hoe kan met hem [Hem] als de hemel der goedheid van wie het hele universum gezuiverd raakt, de geaardheid der onwetendheid overwegen en er woede ontstaan - hoe kan aards stof de ether vervuilen? (Vedabase)

 

Tekst 13

Met hem die zo diepgaand de wereld analytisch verklaarde [zie 3.25-33] en er in deze wereld is als een boot waarmee een zoeker de oceaan der onwetendheid kan oversteken die men in zijn materiële bestaan zo moeilijk te boven kan komen - hoe kan er daar, met een geleerd persoon verheven in bovenzinnelijkheid, enig idee van een onderscheid zijn tussen vriend en vijand? [zo iemand is altijd vreugdevol: prasannâtmâ]

Met hem die zo diepgaand de wereld analytisch verklaarde [zie 3.25-33] en er in deze wereld is als een boot waarmee een zoeker de oceaan der onwetendheid kan oversteken die men in zijn materiële bestaan zo moeilijk te boven kan komen - hoe kan er daar, met een geleerd persoon verheven in bovenzinnelijkheid, enig idee van een onderscheid zijn tussen vriend en vijand? [zo'n iemand is altijd vreugdevol: prasannâtmâ]. (Vedabase)

 

Tekst 14

Hij die geboren uit Kes'inî [Sagara's andere echtgenote] Asamañjasa werd genoemd had als prins een eigen zoon bekend als Ams'umân die altijd zijn best deed om voor zijn grootvader te doen wat hij maar kon.

Hij die geboren uit Kes'inî [Sagara's andere echtgenote] Asamañjasa werd genoemd had als prins een eigen zoon bekend als Ams'umân die altijd zijn best deed om voor zijn grootvader te doen wat hij maar kon. (Vedabase)

  

Tekst 15-16

Voorheen een yogi, zoals hij zich dat kon herinneren uit een vorig leven, was Asamañjasa van het pad van de yoga afgedwaald vanwege slecht gezelschap en had hij zich persoonlijk bewezen op een hoogst storende manier. Zich slecht gedragend bezorgde hij iedereen in de samenleving moeilijkheden en was hij, voor de sport met zijn verwanten bezig, alleronaardigst geweest door al de jongens in de rivier de Sarayû te smijten.

Voorheen een yogî, zoals hij zich dat kon herinneren uit een vorig leven, was Asamañjasa van het pad van de yoga afgedwaald vanwege slecht gezelschap en had hij zich persoonlijk bewezen op een hoogst storende manier. Zich slecht gedragend bezorgde hij iedereen in de samenleving moeilijkheden en was hij, voor de sport met zijn verwanten bezig, alleronaardigst geweest door al de jongens in de rivier de Sarayû te smijten. (Vedabase)

  

Tekst 17

Van deze daden [de jongens waren verdwenen] werd hij door zijn vader, die zijn liefde voor hem op had gegeven, zowaar verbannen. Met de macht van de yoga [echter] slaagde hij erin de jongens weer te laten verschijnen en ging hij weg.

Van deze daden [de jongens waren verdwenen] werd hij door zijn vader, die zijn liefde voor hem op had gegeven, zowaar verbannen. Met de macht van de yoga [echter] slaagde hij erin de jongens weer te laten verschijnen en ging hij weg. (Vedabase)
 
Tekst 18

O Koning, de bewoners van Ayodhyâ waren stomverbaasd om hun zonen weer te zien opduiken terwijl het de koning oprecht speet [dat nu zijn zoon verdwenen was].

O Koning, de bewoners van Ayodhyâ waren stomverbaasd om hun zonen weer te zien opduiken terwijl het de koning oprecht speet [dat nu zijn zoon verdwenen was]. (Vedabase)

 

Tekst 19

Ams'umân er door de koning toe opgedragen op zoek te gaan naar het paard, ging er op uit het spoor volgend dat zijn ooms hadden achtergelaten en trof het paard aan nabij een hoop as.

Ams'umân er door de koning toe opgedragen op zoek te gaan naar het paard, ging er op uit het pad volgend dat zijn ooms hadden beschreven en trof het paard aan nabij een hoop as. (Vedabase)

 

Tekst 20

Toen hij de Bovenzinnelijke [de Vishnu avatâra] die bekend stond als Kapila zag, bracht hij de grote persoonlijkheid oplettend met gevouwen handen gebeden waarbij hij zich languit voorover wierp.

Toen hij de Bovenzinnelijke [de Vishnu-avatâra] die bekend stond als Kapila zag, bracht hij de grote persoonlijkheid oplettend met gevouwen handen gebeden waarbij hij zich languit voorover wierp. (Vedabase)

 

 Tekst 21

Ams'umân zei: 'Niemand van ons levende wezens kan zich een voorstelling maken van U als de Transcendentale. Tot op de dag van vandaag kan zelfs Heer Brahmâ U niet doorgronden en door welk mediteren of ernaar raden zouden anderen dat, wij schepselen van de materiële wereld die, het lichaam aanziend voor het zelf, de bovenzinnelijkheid missen [zie ook B.G. 7: 27]?

Ams'umân zei: 'Niemand van ons levende wezens kan zich een voorstelling maken van U als de Transcendentale. Tot op de dag van vandaag kan zelfs Heer Brahmâ U niet doorgronden en door welk mediteren of ernaar raden zouden anderen dat, wij schepselen van de materiële wereld die, het lichaam aanziend voor het zelf, de bovenzinnelijkheid missen [zie ook B.G. 7: 27]? (Vedabase)

 

Tekst 22

Zij die een materieel lichaam aanvaardden onder de invloed van de drie geaardheden [de guna's, zie ook B.G. 14: 5] kunnen enkel die drie geaardheden zien, zo zegt men, en verbijsterd door de illusieverwekkende energie U niet kennen die zich in goedheid bevindt in de kern van het hart van het lichaam; ze zien enkel maar de uiterlijke bijprodukten.

Zij die een materieel lichaam aanvaardden onder de invloed van de drie geaardheden [de guna's, zie ook B.G. 14:5] kunnen enkel die drie geaardheden zien, zo zegt men, en verbijsterd door de illusieverwekkende energie U niet kennen die zich in goedheid bevindt in de kern van het hart van het lichaam; ze zien enkel maar de uiterlijke bijprodukten. (Vedabase)

 

Tekst 23

Door Sanandana en andere aanbiddelijke wijzen die vrij zijn van de vervuilende en verbijsterende illusoire differentiatie veroorzaakt door de guna's, wordt alle wijsheid met de oorspronkelijke aard [svabhâva] tot één geheel samengevoegd [zie B.G. 14: 26 & 2: 45], maar hoe kan ik als een dwaas der materie nu U, de Persoonlijkheid [van die eenheid], in gedachten houden?

Door Sanandana en andere aanbiddelijke wijzen die vrij zijn van de vervuilende en verbijsterende illusoire differentiatie veroorzaakt door de guna's, wordt alle wijsheid met de oorspronkelijke aard [svabhâva] tot één geheel samengevoegd [zie B.G. 14:26 & 2:45], maar hoe kan ik als een dwaas der materie nu U, die Persoonlijkheid, in gedachten houden? (Vedabase)

    

Tekst 24

O Vreedzame, ik bied U, de Oorspronkelijke Allerhoogste Persoonlijkheid, mijn eerbetuigingen, U die zonder een naam en een vorm, transcendentaal aan het tijdelijke en eeuwige, teneinde de bovenzinnelijke kennis uit te dragen, naar de geaardheden der natuur een materieel lichaam heeft aangenomen dat zich kenmerkt door vruchtdragende handelingen.

O Vreedzame, ik bied U, de Oorspronkelijke Allerhoogste Persoonlijkheid, mijn eerbetuigingen, U die zonder een naam en een vorm, transcendentaal aan het tijdelijke en eeuwige, teneinde de bovenzinnelijke kennis uit te dragen, naar de geaardheden der natuur een materieel lichaam heeft aangenomen dat zich kenmerkt door vruchtdragende handelingen. (Vedabase)

 

Tekst 25

Met hun huis en haard, Uw materiële energie aanvaardend als ware het datgene waar het om gaat, dolen ze [geboorte na geboorte] rond in deze wereld in hun harten verbijsterd door lust, hebzucht, afgunst en illusie.

Met hun huis en haard, Uw materiële energie aanvaardend als ware het datgene waar het om gaat, dolen ze [geboorte na geboorte] rond in deze wereld in hun harten verbijsterd door lust, hebzucht, afgunst en illusie. (Vedabase)

 

Tekst 26

O Allerhoogste Heer, door U enkel maar te zien is vandaag deze harde en hechte knoop van onze illusie doorbroken als gevolg waarvan men in zijn zinnelijkheid onder de invloed staat van de lust en de baatzucht, o Ziel van alle levenden!'

O Allerhoogste Heer, door U enkel maar te zien is vandaag deze harde en hechte knoop van onze illusie, als gevolg waarvan men zinnelijk onder de invloed staat van de lust en de baatzucht, gebroken, o Ziel van Alle levenden!' (Vedabase)

 

Tekst 27

S'rî S'uka zei: 'O meester der mensen, de grote wijze en Allerhoogste Heer Kapila op deze manier verheerlijkt, zei Ams'umân genadig het volgende over het pad der kennis.

S'rî S'uka zei: 'O meester der mensen, de grote wijze en Allerhoogste Heer Kapila op deze manier de heerlijkheid bezongen, zei Ams'umân genadig het volgende over het pad der kennis. (Vedabase)

 

Tekst 28

De Allerhoogste Heer zei: 'Neem dit paard mijn zoon, het is het offerdier van uw grootvader, maar al deze lichamen van uw voorvaderen die tot as verbrand zijn kunnen op geen enkele andere manier worden gered dan door Ganges-water.'

De Allerhoogste Heer zei: 'Neem dit paard mijn zoon, het is het offerdier van uw grootvader, maar al deze lichamen van uw voorvaderen die tot as verbrand zijn kunnen op geen enkele andere manier worden gered dan door Ganges-water.' (Vedabase)

  

Tekst 29

Na om Hem heen gelopen te hebben, voor Hem buigend tot Zijn voldoening, bracht hij het paard terug naar Sagara en werd door middel van het offeren van dat dier de afsluitende ceremonie volbracht.

Na om hem heen gelopen te hebben, voor Hem buigend tot Zijn voldoening, bracht hij het paard terug naar Sagara en werd door middel van het offeren van dat dier de afsluitende ceremonie volbracht. (Vedabase)

 

Tekst 30

Het pad volgend uitgestippeld door Aurva droeg hij [Sagara], bevrijd van gehechtheden en verlangens, het koninkrijk over aan Ams'umân en bereikte hij de allerhoogste bestemming.'

Het pad volgend uitgestippeld door Aurva droeg hij [Sagara], bevrijd van gehechtheden en verlangens, het koninkrijk over aan Ams'umân en bereikte hij de allerhoogste bestemming. (Vedabase)

 

 

 

 

 

Voor deze oorspronkelijke vertaling is een alles-in-een band exemplaar
met uitgebreid commentaar gebruikt.
ISBN: o-91277-27-7
Zie de
Srîmad Bhâgavatam linkspagina
voor een download van dit boek en andere boeken van Prabhupâda.
De afbeelding is getiteld: 'Kapila burns the 60.000 sons ©
Pieter Weltevrede (commercieel gebruik verboden).
Productie: de
Filognostische Associatie van De Orde van de Tijd.


 

 

Feed-back | Links | Downloads | MuziekAfbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties