S'rî
S'uka zei: 'Nadat Hij de heuvel Govardhana had hooggehouden om
Vraja te beschermen tegen de regens kwam uit de wereld van de
koeien moeder Surabhi [de hemelse koe] naar Krishna.
Ook Indra kwam naar Hem toe.
S'ukadeva
Gosvâmî said: After Krishna had lifted
Govardhana Hill and thus protected the inhabitants of Vraja
from the terrible rainfall, Surabhi, the mother of the cows,
came from her planet to see Krishna. She was accompanied by
Indra. (Vedabase)
Tekst
2
Op een
afgezonderde plek [*]
benaderde Indra Hem vol van schaamte zo vijandig te zijn
geweest en beroerde hij Zijn voeten met zijn helm die straalde
als de zon.
Indra
was very ashamed of having offended the Lord. Approaching
Him in a solitary place, Indra fell down and lay his helmet,
whose effulgence was as brilliant as the sun, upon the
Lord's lotus feet. (Vedabase)
Tekst
3
Met het
vernomen hebben over en getuige geweest zijn van de macht van
Heer Krishna, wiens onbegrensde vermogen een einde had gemaakt
aan zijn arrogantie de heer der drie werelden te zijn, sprak
hij als volgt.
Indra
had now heard of and seen the transcendental power of
omnipotent Krishna, and his false pride in being the lord of
the three worlds was thus defeated. Holding his hands
together in supplication, he addressed the Lord as follows.
(Vedabase)
Tekst
4
Indra zei: 'Uwe
majesteit van bovenzinnelijke goedheid die van de vrede en de
verlichting der boete is vernietigde de hartstocht en
onwetendheid geboren uit illusie; in U is deze voortdurende
stroom van de materiële kwaliteiten niet aanwezig waaraan
men met de beheersing kwijt gebonden is.
King
Indra said: Your transcendental form, a manifestation of
pure goodness, is undisturbed by change, shining with
knowledge and devoid of passion and ignorance. In You does
not exist the mighty flow of the modes of material nature,
which is based on illusion and ignorance. (Vedabase)
Tekst
5
Hoe, o Heer,
zouden er [in U, zoals ik dacht, zie 10.25:
3] de
oorzaken te vinden zijn van het verstrikt zijn - de begeerte en
dat alles - die een onwetende persoon kenmerken; U bent immers
de Allerhoogste Heer die ter verdediging van het dharma Uw
gezag uitoefent om de slechten te bestraffen.
How,
then, could there exist in You the symptoms of an ignorant
person - such as greed, lust, anger and envy - which are
produced by one's previous involvement in material existence
and which cause one to become further entangled in material
existence? And yet as the Supreme Lord You impose punishment
to protect religious principles and curb down the wicked.
(Vedabase)
Tekst
6
De vader, de
goeroe, bent U van het gehele universum, de Oorspronkelijke
Beheerser en de onoverkomelijke Tijd die van dienst als de
roede, met het door U aannemen van bovenzinnelijke gedaanten,
er is om de eigenwanen weg te vagen van hen die denken dat ze
zelf de heer van het universum zijn.
You
are the father and spiritual master of this entire universe,
and also its supreme controller. You are insurmountable
time, imposing punishment upon the sinful for their own
benefit. Indeed, in Your various incarnations, selected by
Your own free will, You act decisively to remove the false
pride of those who presume themselves masters of this world.
(Vedabase)
Tekst
7
Dwazen als ik
die menen dat ze de baas over de wereld zijn laten, op het
moment dat ze geconfronteerd worden met Uw onbevreesdheid,
gezwind hun inbeelding varen als ze als gevolg van het lesje
dat U de slechten leert niet langer meer opgeblazen zijnde zich
in ieder opzicht hebben begeven op het pad der beschaafde
heren.
Even
fools like me, who proudly think themselves universal lords,
quickly give up their conceit and directly take to the path
of the spiritually progressive when they see You are
fearless even in the face of time. Thus You punish the
mischievous only to instruct them. (Vedabase)
Tekst
8
U als zodanig o
Meester, vergeef het daarom alstUblieft mij, ik die, zich niet
bewust van Uw invloed, door zijn heerschappij zich wentelde in
hoogmoed en met zijn intelligentie verdwaasd een overtreding
beging; laat alsUblieft mijn bewustzijn nimmer weer zo
verdorven zijn o Heer.
Engrossed
in pride over my ruling power, ignorant of Your majesty, I
offended You. O Lord, may You forgive me. My intelligence
was bewildered, but let my consciousness never again be so
impure. (Vedabase)
Tekst
9
Uw nederdalen
in deze wereld, o Heer van het Voorbije, is er voor het bestaan
van hen die Uw lotusvoeten dienen, o Godheid, en voor het
niet-bestaan van de krijgsheren die met de vele verstoringen
waartoe ze aanleiding geven een grote overlast
vormen.
You
descend into this world, O transcendent Lord, to destroy the
warlords who burden the earth and create many terrible
disturbances. O Lord, you simultaneously act for the welfare
of those who faithfully serve Your lotus feet.
(Vedabase)
Tekst
10
Mijn
eerbetuigingen voor U, de Opperheer en Oorspronkelijke
Persoonlijkheid, de grote Ziel Heer Krishna, de zoon van
Vasudeva; mijn eerbetuigingen voor de Meester van de Dienaren
van de Absolute Waarheid.
Obeisances
unto You, the Supreme Personality of Godhead, the great
Soul, who are all-pervading and who reside in the hearts of
all. My obeisances unto You, Krishna, the chief of the Yadu
dynasty. (Vedabase)
Tekst
11
Hem bied ik
mijn eerbetuigingen die naar de verlangens van hen die Hem
toebehoren lichamen aanneemt, wiens gedaante de zuiverste
spirituele kennis is en die het zaad is van allen en alles
alsook de Ziel die zich ophoudt in alle levende wezens.
Unto
Him who assumes transcendental bodies according to the
desires of His devotees, unto Him whose form is itself pure
consciousness, unto Him who is everything, who is the seed
of everything and who is the Soul of all creatures, I offer
my obeisances. (Vedabase)
Tekst
12
O Heer toen de
offerplechtigheid werd tegengegaan was ik buitenmate arrogant
en kwaad en eropuit om met regen en wind de
koeherdersgemeenschap te vernietigen, o Allerhoogste
Heer.
My
dear Lord, when my sacrifice was disrupted I became fiercely
angry because of false pride. Thus I tried to destroy Your
cowherd community with severe rain and wind.
(Vedabase)
Tekst
13
U, o Beheerser
hebt met het tonen van Uw genade mijn halsstarrigheid gebroken
en mijn pogen vruchteloos gemaakt; ik ben naar U, het Ware Zelf
en de geestelijk leraar, toegekomen om mijn toevlucht te
nemen.'
O
Lord, You have shown mercy to me by shattering my false
pride and defeating my attempt [to punish
Vrindâvana]. To You, the Supreme Lord, spiritual
master and Supreme Soul, I have now come for shelter.
(Vedabase)
Tekst
14
S'rî
S'uka zei: 'Met Krishna op deze manier verheerlijkt door de
grootmoedige Indra glimlachte de Opperheer naar hem en sprak
Hij ernstig als de wolken de volgende woorden.
S'ukadeva
Gosvâmî said: Thus glorified by Indra, Lord
Krishna, the Supreme Personality of Godhead, smiled and then
spoke to him as follows in a voice resonant like the clouds.
(Vedabase)
Tekst
15
De Allerhoogste
Heer zei: 'Ik ging ertoe over uw offerplechtigheid tegen te
houden om u Mijn genade te tonen zodat u, als de koning van de
hemel zo hoogst onder de invloed met de weelde, Me voor altijd
zoudt herinneren.
The
Supreme Personality of Godhead said: My dear Indra, it was
out of mercy that I stopped the sacrifice meant for you. You
were greatly intoxicated by your opulence as King of heaven,
and I wanted you to always remember Me. (Vedabase)
Tekst
16
Hij, die
verblind door zijn macht en weelde vol van verbeelding is en
Mij niet ziet staan met de roede in Mijn hand, zal Ik, ernaar
verlangend hem vooruit te helpen, een val bereiden vanuit zijn
positie van weelde [zie ook B.G.
9: 22].
A
man blinded by intoxication with his power and opulence
cannot see Me nearby with the rod of punishment in My hand.
If I desire his real welfare, I drag him down from his
materially fortunate position. (Vedabase)
Tekst
17
O u allen van
de macht, o Indra, alle geluk zijt u toegewenst, moogt u, Mijn
opdracht nalevend, vrij van valse voorstellingen zich nuchter
bezig blijven houden met uw verantwoordelijkheden.'
Indra,
you may now go. Execute My order and remain in your
appointed position as King of heaven. But be sober, without
false pride. (Vedabase)
Tekst
18
Toen sprak tot
Krishna moeder Surabhi die, vreedzaam van geest samen met haar
koeien smekend om Zijn aandacht, de Heer die als een
koeherdersjongen was verschenen haar respect betoonde.
Mother
Surabhi, along with her progeny, the cows, then offered her
obeisances to Lord Krishna. Respectfully requesting His
attention, the gentle lady addressed the Supreme Personality
of Godhead, who was present before her as a cowherd boy.
(Vedabase)
Tekst
19
Surabhi zei:
'Krishna, o Krishna, o Grootste Mysticus, o Ziel en Oorsprong
van het Universum, met U, o baas over de wereld, hebben we onze
meester gevonden, o Onfeilbare.
Mother
Surabhi said: O Krishna, Krishna, greatest of mystics! O
Soul and origin of the universe! You are the master of the
world, and by Your grace, O infallible Lord, we have You as
our master. (Vedabase)
Tekst
20
U bent onze
Allerhoogste Godheid, U bent onze Indra, o Heer van het
Universum, wees er alstUblieft voor het welzijn van de koeien,
de brahmanen en hen die goddelijk en gelouterd
zijn.
You
are our worshipable Deity. Therefore, O Lord of the
universe, for the benefit of the cows, the brâhmanas,
the demigods and all other saintly persons, please become
our Indra. (Vedabase)
Tekst
21
Voor U als onze
Indra zullen we een baadceremonie uitvoeren naar de
aanwijzingen van Heer Brahmâ, o Ziel van het Universum
die is nedergedaald om de aarde van haar last te bevrijden.'
As
ordered by Lord Brahmâ, we shall perform Your bathing
ceremony to coronate You as Indra. O Soul of the universe,
You descend to this world to relieve the burden of the
earth. (Vedabase)
Tekst
22-23
S'rî
S'uka zei: 'Aldus pleitend voor Heer Krishna werd Hij door
Surabhi met haar eigen melk en met het uit de hemel gestroomde
Gangeswater uitgestort via Airâvata's slurf, gebaad door
Indra in het gezelschap van de verlichte zielen en de zieners
en door de geïnspireerde moeders van de goden [de
dochters van Aditi] en ontving Hij, de afstammeling van
Das'arha, de naam Heer Govinda.
S'ukadeva
Gosvâmî said: Having thus appealed to Lord
Krishna, mother Surabhi performed His bathing ceremony with
her own milk, and Indra, ordered by Aditi and other mothers
of the demigods, anointed the Lord with heavenly Gangâ
water from the trunk of Indra's elephant carrier,
Airâvata. Thus, in the company of the demigods and
great sages, Indra coronated Lord Krishna, the descendant of
Das'ârha, and gave Him the name Govinda.
(Vedabase)
Tekst
24
Naar die plaats
begaven zich Tumburu, Nârada en de anderen, de zangers
van de hemel, de geleerden, de vervolmaakten en de
eerbiedwaardigen die de heerlijkheden van de Heer bezongen
welke de besmetting van de wereld wegnemen, terwijl de vrouwen
van de halfgoden vervuld van vreugde tezamen dansten.
Tumburu,
Nârada and other Gandharvas, along with the
Vidyâdharas, Siddhas and Câranas, came there to
sing the glories of Lord Hari, which purify the entire
world. And the wives of the demigods, filled with joy,
danced together in the Lord's honor. (Vedabase)
Tekst
25
Hij werd, als
het toonbeeld van al de goden vereerd en overladen met een
prachtige regen van bloemen, waarop de drie werelden de
grootste voldoening ervoeren met de koeien die de aarde
onderstroomden met hun melk.
The
most eminent demigods chanted the praises of the Lord and
scattered wonderful showers of flowers all around Him. All
three worlds felt supreme satisfaction, and the cows
drenched the surface of the earth with their milk.
(Vedabase)
Tekst
26
De rivieren
stroomden over met alle soorten van dranken, de bomen gaven
honing af, de planten rijpten zonder in cultuur te zijn
gebracht en de bergen gaven hun edelstenen
prijs.
Rivers
flowed with various kinds of tasty liquids, trees exuded
honey, edible plants came to maturity without cultivation,
and hills gave forth jewels formerly hidden in their
interiors. (Vedabase)
Tekst
27
O lieveling van
de Kuru-dynastie, toen Heer Krishna was gebaad raakten allen
[de roofdieren, de oneerlijke mensen] bevrijd van hun
vijandigheid, zij, mijn beste, die, zij het van nature,
kwaadaardig waren.
O
Parîkshit, beloved of the Kuru dynasty, upon the
ceremonial bathing of Lord Krishna, all living creatures,
even those cruel by nature, became entirely free of enmity.
(Vedabase)
Tekst
28
Na aldus
Govinda, de Meester van de Koeien en de Koeherdersgemeenschap
te hebben gebaad, werd het hem [Indra] toegestaan te
vertrekken en keerde hij omringd door de goden en de anderen
terug naar de hemel.'
After
he had ceremonially bathed Lord Govinda, who is the master
of the cows and the cowherd community, King Indra took the
Lord's permission and, surrounded by the demigods and other
higher beings, returned to his heavenly abode.
(Vedabase)
*
De
"afzondering" in kwestie waar Indra S'rî Krishna
benaderde wordt door de wijze S'rî Vais'ampâyana
vermeld in de Hari-vams'a (Vishnu-parva 19.3): sa
dadars'opavishtham vai govardhana-s'ilâ-tale. "Hij
zag Hem [Krishna] neerzitten aan de voet van de heuvel
Govardhana".