bij het boek de Bhâgavata Purâna

"Het Verhaal van de Fortuinlijke"

door KRISHNA -DVAIPÂYANA VYÂSA

Downloads:
Bekijk de volledige tekstbestanden boek voor boek.

Muziekbestanden
Luister naar MIDI en Audio-bestanden van de devotionele muziek

Afbeeldingen
Bekijk al de afbeeldingen van het boek

Links
Vind de oorspronkelijke tekst en vertaling hoofdstuk voor hoofdstuk en andere links




Afbeeldingen Canto 10 deel 3 - pagina 1 - 2 - 3 - 4

Hoofdstuk 52 - 53 - 54 - 55 - 56 - 57



Hoofdstuk 52: De Heren Springen van een Berg en
Rukminî's Bericht aan Heer Krishna

(6) Terwijl Acyuta met os en man bezig was de rijkdommen te verzamelen, arriveerde Jarâsandha
ter plekke aan het hoofd van een drieëntwintigtal legers.

 

(37) 'S'rî Rukminî heeft me gezegd: 'O Allermooiste van Al de Werelden, ik vernam over Jouw kwaliteiten. Bij allen die luisteren en tot wie Jij, via de gehoorgangen, bent doorgedrongen, verdrijf Je aldus de pijn in hun lichamen. Voor hen die ogen hebben vormt de aanblik van Jouw schoonheid de volkomen vervulling van hun levensdoel. Daarom heb ik zonder schaamte mijn geest op Jou gericht Acyuta! 


Hoofdstuk 53: Krishna Ontvoert Rukminî

(28) Op dat moment verscheen die zuiverste der brahmanen in opdracht van Krishna ten tonele om de goddelijke prinses te zien die zich ophield in het binnenste van het paleis. (29) Toen ze zijn opgetogen gezicht zag en de ontspannen bewegingen van zijn lichaam, deed ze, bedreven in het herkennen van tekenen, navraag met een zuivere lach. (30) Hij informeerde haar over de aankomst van Yadunandana [het 'Kind van de Yadu's'] en bracht aan haar de woorden over die Hij had gesproken om haar te verzekeren dat Hij met haar zou trouwen.



(56) Hij tilde haar in Zijn strijdwagen die was gemerkt met [de vlag van] Garuda, dreef de kring van edelen terug en verliet zo geleidelijk aan, met Balarâma voor Zich uit, die plek zoals een leeuw temidden van de jakhalzen dat zou doen met het wegslepen van zijn prooi.


 


Hoofdstuk 54: Rukmî Verslagen en
Krishna Getrouwd

(53) De Allerhoogste Heer, die aldus de aardse heersers versloeg, nam de dochter van Bhîsmaka mee naar Zijn hoofdstad en trouwde met haar overeenkomstig de vidhi o beschermer van de Kuru's. (54) Die gelegenheid ging gepaard met een grote feestvreugde van de burgers in iedere woning van de Yadu-stad o Koning, waar niemand anders dan Krishna, de leider van de Yadu's, de grote liefde was. (55) De mannen en vrouwen boden vol vreugde, met glimmende juwelen en oorhangers, respectvol huwelijksgeschenken aan het bruidspaar dat prachtig was uitgedost.



Hoofdstuk 55: De Geschiedenis van Pradyumna

(4) Pradyumna werd opgeslokt door een grote vis die, samen met anderen gevangen in een groot net, werd meegenomen door vissers. (5) De vissers presenteerden hem aan S'ambara die het geschenk naar de koks stuurde. Die sneden hem in de keuken open met een mes. (6) Het kind dat ze in de buik aantroffen werd aan Mâyâvatî gegeven die versteld stond. Van Nârada vernam ze over de geboorte van het kind en hoe het was beland in de buik van de vis.


 

(25) Terwijl de goden hem vol lof vanuit de hemel bestrooiden met een regen bloemen, werd Hij door Zijn vrouw die het luchtruim had gekozen, door de lucht naar de stad [Dvârakâ] gebracht. (26) Samen met Zijn vrouw kwam Hij, als een wolk met bliksem, vanuit de hemel aan in de binnenruimten van het weelderige paleis o Koning, dat werd bevolkt door honderden vrouwen.


Hoofdstuk 56: Hoe het Syamantaka Juweel Krishna
Jambavatî en Satyabhâma Bracht

(32) Nadat hij [Jâmbavân] aldus was toegesproken bood hij Krishna gelukkig,
als een respectvolle offergave, zijn maagdelijke dochter Jâmbavatî aan samen met het juweel. 



Hoofdstuk 57: Satrâjit Vermoord, het Juweel Gestolen
en Weer Teruggegeven

(8) Ze legde het lijk in een groot vat met olie en ging naar Hastinâpura naar Krishna die
[reeds] doorhad hoe het er voorstond, en vertelde verdrietig over de moord op haar vader.


(41) Na het Syamantaka-juweel aan Zijn verwanten te hebben getoond en [aldus] een einde te hebben gemaakt
aan de emoties [van de beschuldigingen] tegen Hem, gaf de Heer het weer aan hem terug.



Kijk voor de © copyright rechten van de individuele schilderijen          
 onderaan het hoofdstuk waar het geplaatst is.         
   





volgende pagina